zondag 7 april 2013

Paardensprongers in de race voor podium op Schaakfestival (2012)

(Oorspronkelijk gepubliceerd op Paardensprong site, 27 dec 2012, zie evt. hier)

Vandaag dag 2 van de vijfrondige Compact groepen van het Schaakfestival Groningen. Natuurlijk is de competitie nog maar kort op gang, maar het lijkt nu al waarschijnlijk dat een aantal Paardensprongers zich prominent zullen laten gelden in de strijd om de hoofdprijzen.

Morgen op bord 1 al meteen de Paardensprong match tussen Martijn en Eelke. Maar eerst de anderen. Omdat ik zelf ook schaak (in Compact C) krijg ik slechts flarden van de partijen mee. Van Niels en Thijmen heb ik weinig gezien, ze verloren helaas beiden. Ook Hugo verloor, bij hem was ik toevallig net getuige van het dramatische beslissende moment. Schuin achter Hugo staand dacht ik dat hij met zijn dame een door een pion gedekt paard kon slaan, welke zijn tegenstander niet kon nemen, omdat Hugo dan met zijn batterij van twee torens mat op de achterlijn zou geven. Hugo dacht er net zo over, en voerde de damezet vol vertrouwen uit. Zijn tegenstander nam Hugo's dame, Hugo zette zijn eerste toren op de achterlijn met schaak en zag toen tot zijn schrik (en die van mij) dat de truc niet opging. De toren werd genomen, Hugo's tweede toren pakte terug met schaak, maar het verwachte mat was niet daar, omdat de tegenstander nog net een paard tussen kon plaatsen. Ai. Niettemin, mooi en dapper gespeeld Hugo, en punten zullen er nog zeker volgen!

Jonas is na het verlies van gisteren tegen Martijn meteen veroordeeld tot een achtervolgingsrace. Maar dat is hem wel toevertrouwd en beslist is er niets. Vandaag geen makkelijke tegenstander voor hem, Sake Algra, die Jonas tot ver in de partij gevaarlijke tegenstand bood. Even later echter zag ik dat Jonas een paard had weten te veroveren en daarmee was het pleit beslecht.

 Allen spelend met de witte stukken, wint in de eerste ronde
de gehele familie Caljé. Het vierde lid, Cissy, maakt de foto!

Zowel Eelke als Martijn speelden - naast elkaar gezeten - tegen een lid van de familie Caljé. Eelke tegen Ming Dao, Martijn tegen vader Adrey. Frappant detail: dochter Fong Li zat als derde lid van de familie in de rij, allen met de zwarte stukken naast elkaar! Gisteren hadden zij de perfecte familiestart: drie keer winst. Wellicht was het gisteravond bij hen wat laat geworden, want vandaag liep het anders. Fong Li maakte nog remise, maar beide heren bleken niet opgewassen tegen onze Paardensprongers. Ming Dao verloor twee pionnen in de opening en daarna de dame; vader Adrey deed het beter, verloor een stuk, won er een terug, maar plotseling zag ik beide spelers de stukken terugplaatsen op het bord: de druk van Martijn was te hoog geworden.

Na twee rondes zijn er daarmee in de D-groep nog slechts vier spelers met de volle twee punten. Martijn en Eelke, beiden in de vorm van hun leven lijkt het, voeren morgen meteen hun titanengevecht uit. Op het vinkentouw een groot aantal andere favorieten waaronder Jonas. Of moeten we al stilletjes denken aan een compleet geel podium?

Morgen ook, zoals vandaag, is Hans Böhm weer aanwezig als commentator bij de toppartijen van de grootmeesters. Altijd aan te raden om even aan te schuiven in de analyseruimte, is het niet om schaaktechnisch iets op te steken, dan wel vanwege het gegarandeerde amusementsgehalte. Omdat hij de partij tussen Jorden van Foreest en John van der Wiel niet tot het einde kon becommentariëren (de organisatie riep hem weg om de bekers uit te reiken op het Grand Prix jeugdtoernooi), sloot Böhm af met een groot compliment aan Jorden, die volgens hem vanuit verloren positie op karakter had weten terug te komen tot een lastig toreneindspel, dat vermoedelijk - naar Böhms verwachting - vanwege Van der Wiels ervaring net niet genoeg zou blijken te zijn voor remise. Groot was dan ook de verrassing toen er bij thuiskomst toch een 1/2 - 1/2 in beeld verscheen!

Analyse Böhm met Van der Wiel en Jorden
(foto Cissy Caljé)

Tot nog toe geen nieuws over mijn eigen prestaties in de Compact C groep. Om de eenvoudige reden dat die prestaties er simpelweg niet zijn. Gisteren geruisloos weggeschoven, en vandaag eerst zelf een remise aanbod afslaan, om later - te laat natuurlijk - tot twee keer toe zelf een remiseaanbod te doen, die resoluut en terecht werden afgewezen: tenonder in een pionneneindspel. Met twee nullen en - als laatste in het klassement - een dreigende bye in het vooruitzicht, wordt de zaak wel erg kritisch. Een en ander zal waarschijnlijk degradatie inhouden naar de D-groep van volgend jaar. De Paardensprong toppers weet ik op die manier natuurlijk wel weer mooi te ontlopen, want die verwacht ik volgend jaar zonder uitzondering in de C-groep.

Tot slot nog één opvallend detail in de Compact D groep: de deelname van het flinke aantal van - mag ik zeggen? - niet al te piepjonge vrouwelijke deelnemers. Mogen we volgend jaar - als resultaat van de aangekondige Paardensprongcursus voor schaakouders - de eerste Paardensprong moeder of oma in felgeel T-shirt op het Schaakfestival begroeten?

zaterdag 6 april 2013

Amsterdammer Maarten Hoeneveld weerstaat Noordelijk front op Nationale Pupillendag

(Oorspronkelijk gepubliceerd op Paardensprong site, 19 juni 2012, zie evt. hier)

In het korte verslag van Ronald zijn al de precieze klasseringen van de Paardensprongers genoemd tijdens de Nationale Pupillendag van afgelopen zaterdag. Sommige zullen een en ander live via het internet hebben gevolgd (zie site). Hier volgt nu een langer verslag.

V.l.n.r. de nummers 5, 4, 3, 2 en 1 van de F categorie:
Tycho, Michiel, Djad, Eelke en Maarten.
(Foto: toernooisite)

De organisatie van de Pupillendag was net als vorig jaar in prima handen van schaakvereniging de Pion uit Roosendaal. De locatie was een andere, een nieuw schoolgebouw van het Jan Tinbergen College. Een schoolgebouw blijkt altijd een goede plek om een groot kinderschaaktoernooi als dit te laten houden. De wedstrijden vonden plaats in lokalen op de eerste verdieping. De gang naast de speellokalen was stiltegebied. Ouders werden niet toegelaten in de lokalen tijdens het spelen, zodat de kinderen ongestoord hun partijen konden afwerken. Even verderop was een groot computerlokaal met PC's via welke de partijen op internet konden worden gevolgd. Op de begane grond was er genoeg ruimte in de kantine en een belendende zaal. De catering was uitstekend tegen vriendelijke prijzen. Er was een tekenwedstrijd, een wedstrijd voor het snelst opzetten van de schaakstukken en op het plein kon er gebasketbald en gevoetbald worden. Kortom, voor elk wat wils.

Als meelevende ouder mis je echter toch wel dat je je zoon of dochter niet kunt zíen schaken, al is het maar van grote afstand. De NK's voor E- en D-categorieën worden in één grote zaal gespeeld, waarbij het publiek op gepaste afstand wordt gehouden. Toch fijner. De school heeft wel de beschikking over een paar grote zalen, misschien een idee voor volgend jaar? (Een sporthal is misschien wel de beste locatie. Denk aan het prachtige Nosbo Grand-Prix toernooi van schaakclub ScepU. Bij dezen pleit ik voor een Nationale Pupillendag in Uithuizen! Net als Roosendaal mooi centraal gelegen in het land (...), optimaal bereikbaar met de trein, met de auto eenvoudig te vinden, geen navigatie nodig, ruime parkeergelegenheid en al helemaal geen file problemen).

Goed. De organisatie had aangekondigd dat de partijen van de complete F- en G-groep te volgen zouden zijn via live borden op internet. Deze belofte werd niet geheel waargemaakt. De partijen van de G-tjes bleken niet beschikbaar. In het slotwoord werd dit sportief erkend, met de toezegging dat men een en ander zal evalueren. Hopelijk besluit men dan ook om in elk geval de topborden van de H-categorie live uit te zenden. Sprekend uit eigen ervaring: voor ouders van kinderen die in de H-categorie om de ereplaatsen strijden is de spanning en sensatie net zo groot als bij de G en F, er is geen enkele reden hen niet met live uitzendingen te bedienen.

In het begin was er sprake van een slechte internetverbinding, maar uiteindelijk kon ik alle partijen van Eelke via een live bord volgen (de partijen van de F-categorie kwamen dus wel compleet door). Wat ik wel miste was het oproepen van oude partijen. Gelukkig waren deze maandag beschikbaar. Toch wil je als schaakliefhebber het liefst bij thuiskomst al meteen alles nog even rustig kunnen naspelen. Internet verslaggeving is bij een dergelijk toernooi iets waar een organisatie zich mee kan onderscheiden. Dus nog de nodige verbetering mogelijk.

Voor Eelke en mij (vader) was dit de derde keer dat we de Nationale Pupillendag meemaakten. We kennen het schema: 3 ronden voor de pauze, na de pauze 4 ronden. De kanshebbers voor een ereplaats (de eerste vijf krijgen een beker) dienen eigenlijk de eerste drie partijen te winnen. Voor de kinderen die met minder hoge verwachtingen afgereisd zijn is het precies omgekeerd. Voor de pauze zullen en mogen ze veel verliezen, omdat ze het dan tegen de sterkeren opnemen. Na de pauze ontmoet je meer de kinderen van je eigen niveau en kun je heel wat punten binnen halen. Het was Ramin van de Paardensprong die dit tot in het extreme uitvoerde. Drie nullen voor de pauze, na de pauze vier overwinningen op rij! Het bracht hem in een veld van 46 deelnemers op een keurige 21-e plaats bij de G-tjes (nog beter klinkt: een gedeelde 14-e plaats). Ik heb even geturfd en wat bleek? In het totale veld van F, G en H samen (120 schakertjes) waren er slechts vier die hem deze maximale score van na de pauze konden nazeggen. Eén van hen was Willem Mooibroek van SC Groningen, die het in de H-categorie wat betreft een lange eindsprint nog een tikkeltje beter deed. Begonnen met 2 nullen, speelde hij remise in ronde 3. Met zijn serie van 4 overwinningen na de pauze was zijn uiteindelijk score van 4 1/2 punt net niet genoeg voor een beker, maar wel voor een prachtige ongedeelde zesde plaats in de eindstand.

In de voorbeschouwing had ik al gezegd dat de aandacht van de Nosbo-afvaardiging vooral uitging naar de F-categorie. De als eerste geplaatste Maarten Hoeneveld (van schaakclub VAS Amsterdam) werd op de ratinglijst op de voet gevolgd door drie noordelingen, resp: Jonas en Eelke, beide van SC de Paardensprong en Tycho Bruggink van SC Assen. Twee jaar geleden won Eelke - toen nog uitkomend voor SC Groningen - in de H-categorie, vorig jaar Jonas in de G-categorie, zou Maarten (beide keren tweede) dan nu eindelijk de hoofdprijs weten te bemachtigen? Het antwoord is inmiddels bekend: Ja!

Favorieten Maarten, Jonas en Eelke wonnen samen met nog drie anderen inderdaad hun eerste drie partijen. Tycho verloor zijn derde partij. Dat hoeft niet erg te zijn, in het Zwitsers kan het ook omslaan in een voordeel, omdat je de topfavorieten daarmee soms handig weet te ontwijken. Na een zwaar bevochten remise (na 99 zetten met alleen nog een koning over de tegenstander gevlagd) in ronde 4 was dat inderdaad het geval, want door een mooie serie van drie overwinningen in de resterende partijen stoomde Tycho op naar een met twee anderen gedeelde derde plaats. Het nadeel is dan dat je WP laag is, voor Tycho werd het daarom officieel de vijfde plaats. Maar wel een beker! Prima gedaan.

Aula

Aanvankelijk leek het er overigens niet op dat Maarten de pauze ongeschonden zou halen. In ronde 2 hing er een sensatie in de lucht. Niemand minder dan Paardenspronger Thijmen (de zoveelste noorderling dus) legde Maarten het vuur na aan de schenen en won zelfs de kwaliteit. Maarten had voldoende tegenspel maar had ook veel meer tijd verbruikt, te veel leek het. De live uitzending stokte tijdens het eindspel. Tot verbazing verscheen een einduitslag van 0-1 op het scherm, voor Maarten. Verwarring, wat was er aan de hand? Er werd van een arbitrage zaak gesproken. De naar het speellokaal gesnelde vader Leendert kwam even later terug met de bevestiging: Maarten had tijdens het vallen van de vlag Thijmen mat gezet! En de regel is: mat gaat voor vlag! Nou ja zeg, een remise had Thijmen verdiend, maar bij de opening van de dag was al gememoreerd: de officiële schaakregels worden gehanteerd. Zo is het en zo moet het ook zijn, er zit niks anders op. Maar wat was Thijmen dichtbij. Kleine troost: waarschijnlijk kun je als enige zeggen gewonnen te hebben gestaan tegen de uiteindelijke winnaar. Thijmen kwam uiteindelijk met een 50% score uit op de 22-e plaats. In de laatste ronde speelde hij tegen toekomstige Paardenspronger Silvan Heijnen. Silvan won en werd daarmee uitstekend ongedeeld 11-e. Zo belangrijk kan een laatste partij dan zijn: een verschil van 11 plaatsen.

Na de pauze gaat de strijd om de topplaatsen echt beginnen. Meteen is het raak. Jonas speelt met wit tegen Eelke. Beducht voor een mogelijke voorbereiding van Jonas met de witte stukken besluit Eelke vrijwel spontaan aan tafel Jonas' e4 opening in plaats van met het gangbare e5 te beantwoorden met het Franse e6. Desalniettemin wint Jonas een pion in de opening en behoudt de pluspion en stellingsvoordeel tot zijn noodlottige 23-e torenzet. Eelke kan wits beide torens met een pion dubbel aanvallen. Jonas krijgt weliswaar nog eens 2 pionnen terug voor de toren maar had het verlies beter kunnen beperken tot een kwaliteit, waarna hij (volgens computerprogramma Fritz) nog steeds beter staat. Nu weet Eelke het voordeel van zijn torenbezit uit te buiten en laat hij de winst niet meer glippen.

Het is niet Jonas zijn dag. In ronde 6 verliest hij van de mij onbekende Michiel Terwee. Deze speelt met zwart een soort koningsgambiet. Het is moeilijk voor mij te zeggen waar het voor Jonas nu precies fout gaat, maar in het middenspel heeft Michiel plotseling een indrukwekkende koningsaanval langs de geopende f-lijn. Als Jonas een stuk slaat, negeert Michiel de ruil, logisch, want het is mat in twee. Vorig jaar blijkt Michiel, met plaatsingnummer 28 al als 11-e te zijn geëindigd, nu wordt hij - als 13-e geplaatst - vierde in de eindstand. Een runner-up waar in de toekomst wellicht terdege rekening mee moet worden gehouden. Jonas eindigt als zevende, maar iedereen snapt dat dit niet de plaats is waar hij hoort. Het geeft wel eens te meer aan dat behalve schaakkwaliteit en vorm van de dag ook geluk en pech een belangrijke rol kunnen spelen in een dergelijk toernooi.

Ronde 6
Na een eenvoudige overwinning van Eelke op Djad Maes, die een net zo slechte als snelle partij speelt, moeten in ronde 6 Eelke en Maarten als enig overgebleven spelers zonder verliespunten het tegen elkaar opnemen. De winnaar van de partij heeft de titel in de laatste ronde voor het grijpen. Bij remise zullen aan het eind misschien weerstandspunten de doorslag moeten geven. Maarten speelt kennelijk niet meer zijn gebruikelijke Deense gambiet en opent verrassend met c4. Het is een spannende partij, die materieel tot het eind toe in evenwicht blijft. Maarten is steeds licht in het voordeel, ook omdat Eelke last heeft van een zwakke d-pion. Naarmate er echter meer stukken worden geruild, weegt dit nadeel minder zwaar. Als er behalve pionnen alleen nog een wederzijdse toren op het bord staat, lijkt Eelke zelfs voor de overwinning te kunnen gaan. Ook de pionnen verdwijnen langzaam aan van het bord. Waarschijnlijk door tijdnood en spanning geeft Eelke van zijn laatste twee pionnen er één onnodig weg, en even later valt ook zijn laatste. Hij wint er weliswaar ook snel één terug, maar Maarten weet zijn laatste pion vakkundig naar het promotieveld te brengen. Dat betekent 1-0 voor Maarten.

Eelke komt met een rood hoofd het lokaal uit. Eerst wat frisse lucht happen, maar omdat de organisatie een strak schema hanteert moet hij al snel weer aan de bak. Met zwart tegen dat jongetje met die indrukwekkende naam Ivan Kroetkov. Als Eelke deze partij maar goed doorkomt, anders zijn de druiven wel heel zuur. Ivan geeft twee pionnen voor schitterende open lijnen waarlangs hij een gevaarlijke koningsaanval opzet. Op zet 17 geeft Fritz een waardering van 11 voor wit! Totaal gewonnen dus voor Ivan. Maar deze weet de goede combinatie (Pf6+!) niet te vinden, en kiest de weg van stukkenruil. Gelukkig voor Eelke. Met zijn pionnenvoordeel trekt hij de partij naar zich toe, Ivans cadeautje van een weggegeven toren is daarvoor niet eens nodig. Een ongedeelde tweede plaats is daarmee een feit. Een prachtige prestatie en Eelke is er superblij mee.

Intussen is Maarten al lang en breed kampioen. Proficiat! Ik hoor van Eelke dat Djad tegen hem in de laatste partij remise heeft aangeboden. Na 13 zetten en een paard achter. Djad stelt er zijn derde plaats mee veilig en Maarten de eindzege. Gelijk hebben ze. Nog even buiten voetballen en dan is het tijd voor de prijsuitreiking. Om 5 uur zitten we in de auto op weg terug naar Groningen.

Voor ons is hiermee een gedenkwaardige periode afgesloten. Natuurlijk hadden Eelke en Jonas zich beiden graag voor een tweede keer tot koning laten kronen. Maar Maarten voorziet met zijn eindoverwinning deze periode van een passend slot, waar een ieder zich in kan vinden. Want, zonder de anderen tekort te willen doen, deze drie gaven de afgelopen drie Pupillendagen voor wat betreft de jaargang van 2003 de meeste kleur. Het is even mooi als terecht dat hun namen achtereenvolgend in de Eregalerij van de Nationale Pupillendagen van 2010, 2011 en 2012 vereeuwigd zijn, zie hier. Het spel gaat nu verder in de E-categorie. Aan anderen de uitdaging zich bij hen aan te sluiten.

Hopelijk krijgen veel Paardensprongers in de toekomst de kans om deel te nemen aan dit prachtige evenement. Volgend jaar voor ons echter geen Nationale Pupillendag meer. We zullen het missen.

vrijdag 5 april 2013

Noorden spreekt zaterdag hartig woordje mee op Nationale Pupillendag

(Oorspronkelijk gepubliceerd op Paardensprong site, 14 juni 2012, zie evt. hier )

Aanstaande zaterdag 16 juni 2012 wordt in het Brabantse Roosendaal weer de Nationale Pupillendag gehouden. Dit eendaagse evenement geldt als het Nederlands kampioenschap schaken voor de drie jongste leeftijdsklassen: de F-, G- en H-categorie, kinderen van resp. de geboortejaren 2003, 2004 en 2005 (of later).

Van SC de Paardensprong komen Jonas, Eelke en Thijmen uit in de F-groep en Ramin en Tess in de G-groep. Overige Nosbo afgevaardigden zijn: Tycho Bruggink (SC Assen) en Sylvan Heijnen (SC Haren) in de F-groep, Hugo Timmer (SC Veendam) in de G-groep en Willem Mooibroek (SC Groningen) in de H-groep.

De drie categorieën spelen elk hun eigen toernooi, 7 ronden Zwitsers, jongens en meisjes door elkaar, maar wel met aparte titels voor de hoogst geklasseerde meisjes. Via http://www.nationalepupillendag.org/2011/index.php is vooraf en op de dag zelf alles te volgen. De site bevat de deelnemerslijsten, gesorteerd op rating, en van alle deelnemers zijn een foto en aanvullende gegevens te bezichtigen. Bijzonder: op de toernooidag zijn al (!) de partijen uit de F- en G-categorie live via internet te volgen (vreemd genoeg geen partijen uit de H-categorie, m.i. ten onrechte, maar daar zal wellicht een reden voor zijn).

Van Nosbo-kant bekeken springt de F-categorie veruit het meest in het oog. Zoals bekend is de Nosbo-lichting van geboortejaar 2003 een bijzondere want een zeer sterke, wat ook af te lezen is aan de ratinglijst van de 48 F-deelnemers: Jonas, Eelke, Tycho, Sylvan en Thijmen nemen daarop respectievelijk liefst de 2-e, 3-e, 4-e , 9-e en 14-e plaats in! En behalve dat: vorig jaar won Jonas de G-titel en het jaar daarvoor Eelke die bij de H'tjes, beiden met de perfecte score van 7 uit 7. Nog een overeenkomst: beiden waren daarmee titelkandidaat Maarten Hoeneveld uit Amsterdam - nu als eerste geplaatst - te slim af, die zodoende in twee achtereenvolgende jaren genoegen moest nemen met de tweede plaats. Hij zal stellig van mening zijn dat het nu zijn beurt is!

De schaakpartijen tussen Jonas en Eelke (behalve clubgenoten, zowel schaakconcurrenten als schaakvriendjes) worden op de Paardensprong al klassiekers genoemd. En inderdaad, want op het schaakbord geven deze heren elkaar geen cadeautjes, daar hoeft Maarten zich dus geen zorgen over te maken! Befaamd zijn inmiddels ook zeker de (bij mijn weten inmiddels 4) partijen tussen Jonas en Maarten (gaat dat zien!), en Maarten en Eelke vochten eerder twee partijen uit, waarin het aan drama bepaald niet ontbrak. Alom vuurwerk dus.

Een en ander wil niet zeggen dat anderen zich niet in deze strijd zouden kunnen mengen. Integendeel. Tycho heeft afgelopen jaar veel progressie gemaakt en heeft laten zien dat hij op een goede dag iedereen kan verslaan. Een ereplaats zit er voor hem zeker in. Overigens zijn er bekers voor de eerste vijf plaatsen. En waarom zouden Sylvan en Thijmen in die strijd geen rol kunnen gaan spelen? Over Sylvan dit nog: als er een prijs zou zijn voor de mooiste foto dan was die op afstand voor hem. Klik er eens op: wat een kunstwerkje, in meerdere opzichten!

In de G-groep, waar het Aziatisch namengehalte in de top zoals vaker in het Nederlandse jeugdschaak erg hoog is, lijken Siem van Dael (vorig jaar winnaar bij de H) en Lucas Nguyen de hoogste ogen te gaan gooien. Benieuwd of de talentvolle en als 3-e geplaatste Sake Algra uit Itens - over namen gesproken: mooie voornaam ... ahum ..., beroemde achternaam, en dan die plaatsnaam! Fries zeker allemaal ... - hier misschien roet in het eten kan gooien. In dit verband mag trouwens een tweede rasechte Fries uit de G-groep (als 16-e geplaatst) niet onvermeld blijven: Dylan Sealy uit Lutkewierum! Jawel, wij gaan hem zeker volgen. Aan Paardensprong leden Ramin en Tess zou ik vooral willen zeggen: geniet en leer ervan.

Zijn het in de F- en G-categorie alom bekende namen, die van de H-categorie zijn voor mij allemaal nieuw. Maar ongetwijfeld bevatten ze veel nieuw schaaktalent. De ratings van de twee hooggeplaatsten liegen er in elk geval niet om. Maar met name in de H-groep kunnen ratings erg misleidend zijn. Wie weet, kan Groninger Willem Mooibroek voor een verrassing zorgen.

Afgezien van de uiteindelijke eindklassering is het voor iedere deelnemer al een geweldige prestatie en belevenis om aan een Nederlands kampioenschap schaken deel te mogen nemen. Waarschijnlijk zullen er hier en daar traantjes vloeien (want geen kinderschaaktoernooi zonder tranen), maar een mooie schaakdag zal het - uiteindelijk voor iedereen - zeker worden.

donderdag 4 april 2013

Schaken op Koninginnedag (2012)

(Oorspronkelijk gepubliceerd op Paardensprong site, 19 juni 2012, zie evt. hier)
Op Koninginnedag werd er op het Harmonieplein vanuit het nabijliggende schaakcafé Atlantis een snelschaaktoernooi georganiseerd. Onder de deelnemers 2 jeugdspelers t.w. Eelke en een oude bekende Tom Hermes. Zeven ronden met 5 min. p.p.p.p., een keer met wit en een keer met zwart. Er werd gespeeld in twee poules.
Snelschaken op Harmonieplein Koninginnedag 2012

In de B-poule was slechts één speler, een zekere Daniël, bestand tegen het feestgevoel en de daarmee overvloedig gepaard gaande consumptie van alcoholisch vocht. Hij behaalde wel meteen de perfecte score: 14 punten.
Voor de overige heren vormde naast het bier vooral de klok het grote probleem. Eelke had van dit alles geen last en greep zijn kans: toen de dampen waren opgetrokken vond hij zich met 8 ½ punten terug op een keurige ongedeelde tweede plaats.


Op de foto speelt hij tegen Maarten Roorda, rating pak 'm beet van 1800. Maarten was ook verantwoordelijk voor het verwerken van de uitslagen en de loting van de volgende ronde. Hij deed dat feilloos, maar het kwam zijn schaken blijkbaar niet ten goede. Uitslag: 2 – 0 in het voordeel van Eelke.

woensdag 3 april 2013

Verslag 2 NK-E Waalwijk (2012)

(Oorspronkelijk gepubliceerd op Paardensprong site, 10 april 2012, zie evt. hier)

Trouwe volgers van de Paardensprong-site en het NK- E van afgelopen weekend zullen misschien gedacht hebben dat ik alleen een stukje schrijf als Eelke goed presteert (is misschien ook wel zo, ha). Toch was er een excuus, wij zaten in de buurt van Waalwijk vlakbij de Efteling op camping Droomgaard (misschien een tip voor volgende jaren) en hadden daar geen internet. En ten tweede: ook bij verliespartijen weten we er wel een draai aan te geven, let maar op dames en heren, wij zijn niet voor één gat te vangen!



Maar allereerst: ook via dit stuk de hartelijke felicitaties voor Jonas voor zijn schitterend behaalde tweede plaats. Prachtig zoals je via drie absoluut noodzakelijke overwinningen in de laatste drie ronden de minieme kans op Praag benutte en van plaats 15 (!) oprukte naar de gedeelde tweede plaats en vervolgens in de benodigde barrage de zaken onberispelijk naar je hand zette. Grote klasse en dik verdiend!

Over Jonas' zegetocht heeft Anders en Jonas zelf al uitvoerig verslag gedaan. In een volgend stukje (hopelijk later deze week) wil ik terugkomen op één bepaalde zet van Jonas. Een zet die in het verslag van Anders niet genoemd is ...

Na de prachtige score op de eerste dag (4 uit 5), volgde voor Eelke een slechte tweede dag (één remise uit 4). Anders sprak al over profetische woorden in mijn eerste verslag, nl. dat alles nog mogelijk was en dat iedereen van iedereen kon winnen. Alsof de duvel er mee speelde, dat stuk bevatte nog een tweede 'profetie': toen ik beschreef hoe ik per abuis meende dat Eelke een dame weggaf. Een dag later in zijn partij tegen Maarten Hoeneveld uit ronde 7 werd die nachtmerrie alsnog werkelijkheid. Na een goede verdediging tegen Maartens altijd gespeelde Deens gambiet opening, vergat Eelke de opgeheven penning van het paard die zijn dame pardoes van het bord sloeg: 1–0.

Met enige dramatiek mag je dit de “wraak van Maarten” noemen waar hij twee jaar op heeft moeten wachten. Op de Nationale Pupillendag van 2010 in Oosterhout namelijk liet Maarten zich als favoriet voor de titel tijdens het H-kampioenschap in zijn partij tegen Eelke na een te snel uitgevoerde koningszet in een gewonnen stelling mat zetten door een pion(!) van Eelke. Voor Eelke plaveide dat toen de weg naar zijn onvergetelijke eerste plaats. Overigens moet dat “wraak” niet te letterlijk worden genomen, want al in Oosterhout was mij de grote sportiviteit van Maartens vader opgevallen en ook nu weer in Waalwijk.

Na het enigszins verwachte verlies in de openingsronde (ronde 6) van zaterdag tegen de oppermachtige Casper Schoppen waren dat dus 2 nullen op een rij, en was het beste er bij Eelke van af. Maar zoals ik al zei: we vinden wel iets om zijn prestatie weer wat op te krikken!
En dan zien we dat Eelke in zijn partijen tegen de twee hoogst geplaatste spelers van het toernooi, kampioen Casper Schoppen en Renso Steunenberg (de enige twee met ratings in de 1400) beide keren feitelijk gewonnen heeft gestaan! Tegen Casper had Eelke na 10. ... Lxg4 van Casper op zet 11 een vol stuk kunnen winnen door i.p.v. de loper op g4 het paard op c6 te slaan. De fout van Casper was dat hij verzuimde eerst het paard op d4 te slaan. Kennelijk was Casper op de vroege zaterdagmorgen niet helemaal bij de les (ik heb hem gedurende die openingsfase inderdaad een keer diep zien gapen!). Helaas maakte Eelke er geen gebruik van. Jammer, als hij echt de tijd had genomen had hij het zeker gezien. Hoe dan ook, Casper maakt ook fouten, dus ik zou zeggen Jonas: voor Casper hoef je in Praag, zeker in de vroege ochtend, niet bang te zijn!

Thuisgekomen hebben Eelke en ik al de partijen van Casper nagekeken, en – tot onze vreugde – konden we concluderen dat dit (volgens ons dan) de enige partij is geweest waarin Casper verloren heeft gestaan. Zo, die zit, zijn wij toch ook een beetje kampioen, of niet dan!

Allemaal grapjes natuurlijk. Want we moeten Casper bepaald geen onrecht aandoen. Bij onze speurtocht naar zijn partijen kwamen we fraaie matjes tegen, en zeer in het bijzonder viel zijn 22-e zet op in zijn partij tegen Mick van Randwijk uit de achtste ronde. Een zet regelrecht uit een stap 4 of 5 boek! Materieel is alles nog in evenwicht en met één wonderschone zet is het direct gedaan. Dat Casper de zet aan het bord vindt verraadt denk ik zijn klasse. Kijk naar die zet. Of probeer hem zelf te vinden. De opgave is dus: vind de dodelijke zet van wit na zwarts 21 ... Kh8.

Was de gewonnen stelling tegen Casper niet Eelke's verdienste, in zijn partij tegen Renso (uit ronde 2) is het wel dankzij eigen spel dat hij een sterke tegenstander op de rand van de afgrond brengt. Over Eelke's 4.f3 moeten de kenners zich maar uitlaten, die kan wellicht beter. Ondanks dat verovert Eelke al snel het initiatief en hangt Renso's leven uiteindelijk aan een zijden draadje. Na Renso's 23 ... Ld3 mist Eelke een mooie zet. Met 24. Pxd5! wordt immers een flinke bres in zwarts verdediging geslagen (immers niet: 24 ..., Lxf1? 25. Pxe7 en na 24 ..., exd5 of 24. ...,Dxe5 volgt 25. Dxd3 , of zie ik iets over het hoofd?) Mijn ervaring: als de opgave in een stappenboek had gestaan vinden ze deze zet meteen!

Nadat Eelke op zet 33 de dreigende mat in 3 van Renso na Ta1+ opgemerkt heeft en die net met h3 weet te pareren mist hij (zoals hijzelf bij thuiskomst direct ziet) op zet 35 het voor de hand liggende Txg7. Zwarts positie lijkt dan niet meer te houden: zijn koning midden op het bord kan geen kant op, de promotie van de c-pion lijkt hooguit met materiaalverlies te voorkomen en anders wordt wel de h-pion opgegeten. Van de 35 minuten had Eelke er op dit moment nog slechts 5 over en hij zei na afloop dat hij tijdsdruk was gaan voelen. Begrijpelijk en wat mij betreft niet erg. Want ondanks het verlies vond ik dit Eelke's beste partij. Mede omdat hij bij elke zet heel goed ruim de tijd genomen had, zijn tijdsverdeling was juist precies goed. Dat het bij de 'finishing touch' dan net mis gaat, soit.
De trainers moeten zich nog maar eens buigen over de partij, zij zien natuurlijk veel meer dan ik.

Tot slot, en dan stop ik met de loftrompet te steken, een mooie opruimactie in de partij tegen Peter van Putten uit ronde 5. Met zwart staat Eelke een vol paard voor, heeft waarschijnlijk ergens de beste voortzetting gemist en is zelfs behoorlijk in het nauw gebracht omdat zijn dame gepend staat. Met 29. ..., Dxh3! echter worden dame, paard en loper geforceerd geruild tegen dame en toren. Oftewel: hoe kom ik met één zet van een problematisch middenspel tot een eenvoudig gewonnen eindspel.

Tot zover onze belevenissen in Waalwijk. Concluderend mag je inderdaad zeker zeggen dat de Paardensprongers het allemaal heel goed gedaan hebben. Thijmen net geen 50%, maar wel laten zien dat je de vrijplaats waard was. En Daan speelde uiteindelijk na een mooie tussensprint tot twee keer toe op een live bord!

Inderdaad, samen een prachtig team om 12 mei in Barneveld om het NK teamkampioensschap te strijden. Maar laten we de verwachtingen niet te hoog opschroeven en vooral het plezier voorop blijven stellen.

dinsdag 2 april 2013

Tussenstand NK-E in Waalwijk (2012)

(Oorspronkelijk gepubliceerd op Paardensprong site, 7 april 2012, zie evt. hier)

Dit weekend vindt, zoals al aangekondigd op deze site, het NK-E plaats in Waalwijk. Vrijdag en zaterdag spelen de kinderen die zich hier via een plaatselijke voorronde voor geplaatst hebben een lang toernooi: 9 partijen van 35 min per persoon per partij (een partij kan dus mee dan een uur duren). Categorie E betekent dat het toegankelijk is voor kinderen die dit jaar 10 jaar worden. Of jonger zijn. En dat zijn er best nog een paar. Ik geloof dat er zelfs 7 jarigen tussen zitten.
De Paardensprong is met maar liefst met 4 spelers vertegenwoordigd, op volgorde van rating: Jonas, Eelke, Thijmen en Daan. De eerste twee hadden zich in januari geplaatst via de voorronde, de laatste twee nemen deel dankzij een vrijplaats.

Het toernooi wordt gehouden in een hotel, hotel Waalwijk. Makkelijk natuurlijk voor m.n. de noorderlingen die toch één of meer overnachtingen moeten zien te regelen. Zelf hebben wij een caravan gehuurd op een naburige camping. Maar velen lijken gekozen te hebben voor een verblijf in het hotel. Ik begreep dat Daan, die op het laatste moment een vrijplaats toegewezen kreeg, en zijn vader nog net de laatste beschikbare plaats in het hotel hebben weten te bemachtigen. Het hotel moet dus barstensvol zitten met jeugdschakertjes en hun ouders.

Bij binnenkomst valt de entourage mij eerst licht tegen. Het gehele toernooi, die een algemene jeugdcompetitie en daarnaast een aparte meisjescompetitie kent, wordt gespeeld in een enkele ruimte, en het is de ouders toegestaan vanuit het andere deel van diezelfde ruimte alles op afstand gade te slaan. Het doet me denken aan een doorsnee Grand-Prix toernooi zoals wij die in de provincie kennen. Bij een NK voor E's, waar het niveau toch beduidend hoger ligt, had ik verwacht dat de partijen zich eerder in een afgesloten zaal zouden afspelen. Niet dus. (Als onverbeterlijke schaakvader vind ik dat overigens niet erg want het liefs sta ik er natuurlijk met de neus bovenop ...)

Toch blijkt alles prima te werken. In dezelfde ruimte worden op een scherm 12 partijen geprojecteerd, de 4 topborden van de meisjes en de eerste 8 van de jeugd. Dit biedt soms de unieke mogelijkheid om de partij van je kind exact te volgen op het scherm, maar tegelijk kun je je oog naar de zaal wenden om te zien hoe hij of zij er bij zit. Zelf mag ik dit genoegen op vrijdag tot twee keer toe smaken. Een keer ga ik hierbij op komische wijze de mist in: ik meen op het projectiescherm te zien dat Eelke eerst een stuk en vervolgens een dame weggeeft, ik slaak een hoorbare vloek, kijk maar 's in de zaal, maar zie tot mijn verbazing dat Eelke er zelf namelijk onaangedaan bij zit. Tot grote opluchting merk ik dat ik naar het verkeerde bord op het scherm zat te kijken, het is dat van Eelke's buurjongen. Pfff!

Naast de speelzaal blijken er gelukkig nog diverse andere ruimtes te zijn waar het goed toeven is. Een analysruimte waar een heuse Fide-meester beschikbaar is om samen met hem je eigen te analyseren, een aparte ruimte waar dezelfde topborden geprojecteerd worden, de lounge voor een lekker kop capucinno of een geruststellend drankje, en voor de echte levengenieters (niet-schakers?) een tuinzaal waar ondanks de kille weersvoorspellingen een voorjaarszon heerlijk in je gezicht schijnt. Kortom: een perfecte omgeving en ook over de organisatie als geheel is er niks te klagen.

Maar genoeg. Waar het het om gaat zijn natuurlijk de resultaten die onze helden neerzetten. Nu, die zijn niet slecht. Het noorden en zeker ook de Paardensprongers blazen hun partij volop mee. Na 5 van de 9 partijen is er slechts één speler met een maximale score van 5 punten (Casper Schoppen, die al eerder bij mijn weten een nationale titel in de wacht geheeft gesleept). Een viertal volgt met 4 punten, waaronder Eelke. Hij mag het in de vroege zaterdagochtend in de eerste partij meteen opnemen tegen Casper. Ook Pieter van Foreest (als enige niet-Paardensprong Nosbo'er) staat op 4 punten en kort daarachter volgt Jonas op 3 1/2. Thijmen en Daan tot slot hebben 2 punten.
Bij de meisjes scoren na de eerste dag Nosbo'ers Marlinde Waardenburg 3 punten en Lemee Reuver 2 punten. En nu hoop ik maar dat ik niemand vergeten ben.

Als vader van Eelke let ik natuurlijk vooral op zijn partijen. Die zijn vrijdag heel goed. Maar ik mis daardoor vele, heel veel andere mooie hoogstandjes die voortdurend neergezet worden. Zo hoor ik in de analyse ruimte een onmiskenbare kenner enthousiast verhalen over de partij tussen Jonas tegen Pieter. Sorry, er ontgaat mij veel. Te veel. Op de NK-E site zijn echter sowieso alle live-partijen partijen op te vragen en ik begrijp dat zelfs de partijen van iedereen hier hun plek zullen krijgen. Want noteren is verplicht en een kopie van het notatietformulier moet na de partij bij de organisatie ingeleverd worden, die ze mogelijk naderhand in zullen voeren.

Het leuke van twee dagen is dat er voor iedereen op zo'n tweede dag nog van alles te halen is. Zelfs een eerste plaats is niet onmogelijk. Want van de pakweg eerste 10 spelers lijkt daar iedereen zomaar van iedereen te kunnen winnen. Ook de tweede plaats is zeer bijzonder, want de eerste twee van dit toernooi worden door de KNSB uitgezonden naar het EK in augustus in Praag! Een podiumplaats is natuurlijk ook iets om apetrots op te zijn, net zoals een plaatsje bij de eerste 10. Maar ook als je op de eerste dag twee punten hebt: een 50% score is dan prachtig om te halen, je mag je zelf dan nog steeds tot de 20 beste schakertjes van het land rekenen!

Het wordt spannend de tweede dag, bloedje spannend. Voor de kinderen. Voor de ouders, ja soms nog het meest voor hen lijkt het wel. En niet voor de eerste keer ben ik vol bewondering voor al die spelertjes die onder pure hoogspanning prachtig schaak laten zien, partij na partij en ronde na ronde. Niet zelden beter bestand tegen de spanning dan hun ouders. Gewoonweg topsport!

Maar we zouden het bijna vergeten: het allerbelangrijkste is natuurlijk het plezier wat iedereen hier deze twee dagen beleeft. Prachtig.

Volg het vanaf zaterdagmorgen 10.30 live op de internet.

maandag 1 april 2013

Eelke scoort mooie prijs op rapidtoernooi

(Oorspronkelijk gepubliceerd op Paardensprong site, 5 feb 2012, zie evt. hier)

Zoals eerder aangekondigd op de site: zaterdag waren Paardensprongers actief op verschillende schaaktoernooien. Vooral natuurlijk op het schoolschaak kampioenschap, een verslag daarvan was al op deze site te lezen. Eelke en ondergetekende deden mee aan een toernooi in Lewenborg, dat onderdeel uitmaakt van het OctoQ-rapidcircuit. Een rapid toernooi dus, 25 min p.p.p.p. Geen jeugdtoernooi, maar een toernooi voor iedereen. In Lewenborg waren een 30-tal deelnemers van de partij, waaronder een tiental jeugdschakers.

Een heel groot aantal kun je dat niet noemen, misschien was dat te wijten aan het feit dat het behalve schaakweer deze zaterdag ook schaatsweer was. Qua niveau was het deelnemersveld zeer divers: van ratings begin in de 1000 tot grootmeester! Jawel, top of the bill was noordelijke grootmeester Sipke Ernst, die aan zijn stand verplicht met een score van 7 uit 7 de hoofdprijs de vrieskou in mee mocht nemen.
Vooraf toch wel even schrikken natuurlijk als je onderweg gaat naar een toernooi met meerdere spelers met ratings van boven de 2000. Wat heb je daar te zoeken, zou de eerste gedachte kunnen zijn. Maar het kan niet genoeg benadrukt worden: dat viel 100% mee! Hoewel het hele veld in één groep uitkwam, had men bij de loting voor de eerste ronde toch een soort van scheiding gemaakt, zodat iedereen al heel snel op zijn eigen niveau kwam te spelen. En in de onderste helft bleken wij deze middag prima mee te kunnen doen.
Het spreekt voor zich dat de sfeer duidelijk verschilt van een jeugdtoernooi. Het meest in het oog springende is de volstrekte rust die er heerst tijdens de rondes. Rust die voor A en B spelers op Grand Prix jeugdtoernooien nogal eens ver te zoeken is. Voor die categorie kan ik een OctoQ- toernooi dan ook erg aanbevelen.

Dan het schaken. Eelke begon slecht met 3 nullen op rij. Steeds een kostbaar foutje. En stukverlies leidt op dit niveau wel steeds vaker tot een verloren partij, dat wel. Maar na een paar wat minder sterke tegenstanders ging het een stuk beter. Uit de laatste 4 partijen scoorde Eelke 3 punten. Beiden hadden we kennelijk het beste voor de laatste partij bewaard, want zowel Eelke als ik wonnen toen van een ruime 1500-speler. Mede dankzij dat laatste wist ik liefst nog een ½ puntje meer dan Eelke te scoren, dus een volle 50%! In een veld aangevoerd door genoemde winnaar kun je daar toch goed mee thuis komen nietwaar ...

Met betrekking tot de prijzen was er ook een tweedeling gemaakt: een A-groep voor spelers met een rating boven de 1800, en een B-groep voor de overigen. In beide groepen natuurlijk prijzen voor de drie podiumplaatsen, daarnaast een prijs voor de beste jeugdspeler en een ratingprijs (beste resultaat in verhouding tot je eigen rating).

De grootste verrassing voor Eelke was na afloop. Ten eerste kreeg hij een niet verwachte prijs, nl. de rating prijs van groep B. En dan de prijs zelf: geen beker, nee, daar doen ze niet bij aan een 'serieus' toernooi. De prijs was - geen grap - een enveloppe! Met inhoud! Over de exacte waarde doen we verder geen onthullingen. Wel kan gezegd worden dat na aftrek van het totale inschrijfgeld van de familie de Boer er nog steeds een zeer fraai winstbedrag overbleef ...
Conclusie: een aanrader voor andere Paardensprongers. En wat ouders betreft: a.s. zaterdag is er op het Zuidlaarder (jeugd)schaaktoernooi een nieuwe kans om hun schaakkunsten te vertonen. De organisatie daar nodigt expliciet ouders en begeleiders uit voor deelname aan vierkampen (ik neem aan 3 partijen van 35 min p.p.p.p.) die parallel aan het jeugdtoernooi gehouden worden. Voor exacte info: zie de toernooiposter van het toernooi op de Nosbo site of op site van de plaatselijke schaakvereniging http://www.oostermoerschaak.nl/. Ouders: grijp deze kans!

Uitslagen Lewenborg Rapid 2012: http://www.nosbo.nl/toernooien/Lewenborg12.html

zaterdag 30 maart 2013

Dag 5: slot (Vader en zoon op Schaakfestival 2011)

(Oorspronkelijk gepubliceerd op Paardensprong site, 30 dec 2011, zie evt. hier)
Het Schaakfestival zit er op. De helden zijn vermoeid. Zo ook schrijver dezes. Het geldt voor het schaken, het geldt nog meer voor het schrijven.

Vandaag begon de wedstrijd al om 11.00 uur, 2 uur eerder dan normaal. Het Oudjaar nadert, en iedereen gaat zijns weegs. Op naar de oliebollen van morgen. Oliebollen overigens die reeds vandaag gratis rond gingen op het Schaakfestival.
De 5 Paardensprong deelnemers aan het Schaakfestival
2011 nog even op een rij, v.l.n.r.: Jonas, Martijn, Ruben,
Eelke en Niels. (Foto: Ronald van Nimwegen).  

Deze keer dus geen lang stuk over de dag van vandaag, maar slechts een korte afsluiting.

De kapstok waaraan ik mijn verslagen ophing was een soort van tweekamp die ik gedurende het toernooi speelde met Eelke. Gisteren al verklaarde ik die wedstrijd voor gespeeld. Vandaag werd dit - gelukkig - bevestigd door de laatste uitslagen. Weliswaar behaalde ik tegen vader Adrey van de familie Caljé (zie gisteren) een overwinning (mijn enige in het toernooi), maar Eelke liet mij niet dichterbij komen. Hij won in een goede partij van Bas van Delft. De eindstand werd daarmee 2 1/2 - 2 in Eelke's voordeel. Volkomen en meer dan terecht. Zeker gezien het feit dat Eelke na ronde 3 hoger in het klassement stond waardoor zijn tegenstand sterker was.

Speciaal wil ik bij dezen mijn bewondering en complimenten uitspreken voor al de Paardensprong deelnemers aan het toernooi. Vooraf was er - althans bij mij - wel wat twijfel over het vijf middagen achterelkaar spelen van lange schaakpartijen. Zou dat niet teveel zijn voor de kinderen? Maar stuk voor stuk en geen dag uitgezonderd heeft iedereen zich meer dan van zijn beste kant laten zien. En hoe je dan uiteindelijk geëindigd bent in de stand, doet er even minder toe. Allemaal top!

Natuurlijk nog wel even wat statistiek. Er waren geen remises vandaag in Paardensprong land, Niels en Martijn verloren helaas, en behalve Eelke wonnen Jonas en Ruben hun partijen. Dat alles brengt in de eindstand na vijf partijen Jonas op 3 1/2, Martijn op 3, Eelke dus op 2 1/2 , Ruben op 2 en Niels op 1 1/2 punten. Helder: met 2 punten ken ik mijn plaats!

Met dank voor alle leuke reacties die ik ontving, iedereen een fijne jaarwisseling gewenst. Op naar een nieuw schaakjaar, aan het einde waarvan zonder twijfel een nieuw Groninger Schaakfestival!

vrijdag 29 maart 2013

Dag 4: de familiecombi (Vader en zoon op Schaakfestival 2011)

(Oorspronkelijk gepubliceerd op Paardensprong site, 29 dec 2011, zie evt. hier)

Deze keer geen uitgebreide beschouwingen over de partijen van vandaag, aan het eind zal ik daarvan een kort verslag doen.

Als schakende vader met een schakende zoon wil ik deze keer even stilstaan bij het fenomeen van de familiecombi op het Schaakfestival Groningen. Een schakende familiecombi definieer ik hier als twee of meer familieleden van verschillende generaties die allen deze week als deelnemer actief zijn op het toernooi.

De groep met de meeste deelnemers die behoren tot een familiecombi is, vermoed ik, de Compact D. Ik heb 's even geteld en van de 38 deelnemers in de D groep zijn er volgens mij 10 die behoren tot een familiecombi. Let wel: broers en/of zussen zijn op zich niet voldoende om meegenomen te worden in deze telling, in een combi moet er minimaal één keer een generatieverschil zijn. De broertjes Van Nimwegen uit de Compact D groep kunnen om die reden niet aangeduid worden als familiecombi. Dat is het pas als hun vader meedoet. Je hebt dan wel meteen een combi van drie natuurlijk.

Familiecombi's heb je in alle soorten en maten. De meest voorkomende is toch wel die van vader en zoon. Maar er zijn ook combi's met moeders en dochters erin. Alleen de exclusief vrouwelijke variant, dus moeder en dochter, heb ik op dit toernooi nog niet kunnen ontdekken. Opa's of oma's zijn natuurlijk ook toegestaan, maar ook van die combi is mij er niet een bekend. Of zijn ze er wel?

Een andere indeling die je kunt maken is op schaakniveau. Je hebt ze waar de oudere en jongere generatie nog redelijk aan elkaar gewaagd zijn, er zijn er ook waar er een enorm verschil is tussen de generaties. Meestal is de jongere dan veel beter dan de oudere, maar het omgekeerde komt ook voor: dat de oudere (althans voorlopig) nog superieur is aan de jongere.

De familiecombi van Eelke en mij behoort tot de eerste soort, dus die waarvan de leden redelijk gelijkwaardig aan elkaar zijn. En ander voorbeeld daarvan zijn Raymon Oord en zijn vader. Vader Jan gooit hoge ogen in de Compact D. Zoon Raymon, welbekend van de Noordelijke Grand-Prix toernooien, met een iets hogere rating dan zijn vader speelt als laagst gerate speler in de C groep. Zakelijk bezien niet zo slim, want samen in de D hadden ze daar als familie een flink deel van de geldprijzen weg kunnen slepen.

Een familiecombi die wel precies begrijpt hoe je dat doet is afkomstig uit Denemarken! Toevallig ook de enige, voor zover ik weet, waar de oudere generatie (nog) ver uitsteekt boven de jongere. Vader Mads Boe Olsen draait mee boven in de compact A en zoontje Filip Boe Olsen doet hetzelfde in de Compact D. Als ik het goed zie, hebben beiden het op de laatste speeldag geheel in eigen hand: als ze winnen nemen zowel vader als zoon de hoofdprijs mee naar huis! Ik zei al: zo doe je dat.

De combi Kevlishvili is een voorbeeld waarvan de zoon de vader ver overvleugeld heeft. Vader Shota doet niet onaardig mee in de compact D, maar zoontje Robby bivakkeert met zijn 10 jaren al in de top van de Compact B.

Dan een zeer, zeer bijzonder combi. We kunnen er niet om heen: de familiecombi Van Foreest. Uniek in vele opzichten. Ten eerste al het aantal ervan: de combi telt op het Schaakfestival maar liefst vier leden. Gisteren noemde ik al de broertjes Jorden, Lucas en Pieter. Wat velen waarschijnlijk niet weten is dat één van hun ouders deelnemer is in de Compact D. Het tweede unieke feit is dat die ouder van het vrouwelijk geslacht is, moeder Sheila. En het meest bijzondere van al is het niveau verschil binnen de combi. Zoals iedereen weet: zoon Jorden schaakt op het podium tegen Hans Ree en zijn moeder – sorry, maar het kan even niet verzwegen - aan het andere uiterste, de bodem van de D groep. Ik meen zelfs dat moeder van Foreest dinsdag plaats mocht nemen op het onderste bord. Maar inmiddels is ze enige plaatsen gestegen. Ik weet dat zo goed omdat ik daar hoogst persoonlijk mede de hand in heb gehad, net vandaag hebben wij tegen elkaar remise gespeeld.

De vrouwelijke helft van
de familie Caljé.
Nog een laatste maar wel opvallende combi is die van de familie Caljé uit het verre Voorburg. Deze combi bestaat uit drie leden: vader, dochter en zoon, en allen deelnemer in de compact D. Moeder Caljé is er ook bij en langs de zijkant druk in de weer met de foto camera. Maar wat belangrijker is, ik verneem dat zij zich ook aan het bekwamen is in het schaakspel. Dus volgend jaar mag het Schaakfestival een nieuwe unieke familiecombi verwelkomen: vader, moeder, zoon en dochter!

Let op mijn voorspelling. Moeders zullen steeds meer een onvoorspelbare factor worden in dit soort schaaktoernooien. Ik hoorde op dit toernooi van schaakcursussen voor vrouwen, vaak ook moeder. Schakende vaders hebben hun niveau in de regel al wel bereikt. Van schakende moeders - precies als met schakende kinderen - is nog niet bekend waar hun grens ligt. Je weet alleen dat ze heel snel leren en voordat je het weet zijn ze je voorbij. Zo zit dat snap je.

Dan het schaken van vandaag. Zoals ik zei, deze keer maar kort. Eelke verliest zijn partij van Lydia van Altena. Tot het midden van de partij zet hij met zwart zijn tegenstandster prima onder druk. Die vangt echter alles op en weet de partij te kantelen. Eelke zegt na afloop: "Ze speelde best goed!" Kijk, dat bedoel ik dus ...

Zoals reeds vermeld speel ik remise tegen Sheila Timp. Gisteren heb ik twee keer een remisebod afgeslagen van haar zoontje Pieter, het lijkt me verstandig deze keer het eerste maar meteen aan te nemen. Ik sta weliswaar een pionnetje voor, maar ik wil niet meer het risico lopen de laatste dag op het onderste bord terecht te komen. Al kom ik er nu met twee halfjes trouwens ook erg dicht bij in de buurt.

De stand tussen Eelke en mij is nu 1 1/2 - 1. Ook al zou dat in de laatste ronde nog in mijn voordeel veranderen, ik kan nu wel zeggen dat Eelke in deze week ruimschoots het betere spel heeft laten zien van ons tweeën. Dus die wedstrijd beschouw ik als gespeeld.

De andere vier andere Paardensprongers deden het vandaag allemaal meer dan voortreffelijk. Drie overwinningen en een remise. Een score van 3 1/2. De beste Paardensprong dag van de week. Jonas wint van een ratingloze Durk van der Werf. Ik sprak Jonas even, hij leek niet heel te spreken over zijn spel. Niels pakte zijn eerste punt, en wel tegen Ming Dao Caljé. Ruben herstelt zich geweldig, zowel in het het toernooi en als in zijn partij die hij als derde Paardenspronger deze week tegen de sterke Hans van Everdink speelt. Hij komt achter te staan, vecht zich terug en weet eeuwig schaak te forceren. Een remise trouwens waar Hans blij mee leek. Even onder ons: puur toevallig hoor ik hem in het toilet tegen iemand enthousiast vertellen hoe hij met open ogen in een val getrapt is. Daar moet je me nog 's meer over vertellen, Ruben!

Het beste bewaar ik voor het laatst. Andermaal gaat de dagprijs naar Martijn. In een lange, zenuwslopende maar uitstekende partij tegen Shota Kevlishvili komt hij als verdiende overwinnaar uit de strijd. Nog zo'n partij Martijn en je zit in de prijzen. Maar ook al zou dat niet lukken, je speelt een prachtig toernooi. Dus nergens aan denken morgen, gewoon proberen weer een goede partij te spelen.

Morgen de laatste dag: nog één keer allemaal knallen!

donderdag 28 maart 2013

Dag 3: winst en verlies (Vader en zoon op Schaakfestival 2011)

(Oorspronkelijk gepubliceerd op Paardensprong site, 29 dec 2011, zie evt. hier)

Na de mindere tweede dag van gisteren beleven Eelke en ik vandaag beiden weer een goede dag. Al is die van Eelke net iets beter dan die van mij. Hij wint namelijk, ik verlies.
Mijn dag is toch goed omdat ik een mooie partij geschaakt heb. Ongetwijfeld een partij met enorm veel fouten, maar geen blunders in de zin dat er stukken worden weggegeven, zoals op de dag ervoor. Geen standaard partij, maar eentje die door zijn zonder twijfel foutieve openingsbehandeling bij elke zet voortdurend nieuwe scherpe situaties met zich meebrengt en daardoor bol staat van de spanning. Behalve van spanning staat de partij ook bol van vervelende penningen.

Eelke tegen Ruben, daarachter Pieter tegen een
schaakvader.(Foto: Ronald van Nimwegen).

Maar eerst de partij van Eelke. De loting bepaalt dat hij het vandaag opneemt tegen clubgenoot Ruben. Rubens ouders zijn de hele week vaste klanten op de tribune. Met z'n allen vinden we het eigenlijk maar jammer dat Ruben en Eelke hier tegen elkaar moeten spelen. Op de Paardensprong en Grand Prix toernooien spelen ze al zo vaak tegen elkaar, dan is het leuker om op zo'n toernooi tegen anderen te schaken. Maar ja, niks aan te doen, er zal wel geen systeem te bedenken zijn dat daar rekening mee houdt.

Na de teleurstelling van gisteren druk ik Eelke nog even extra op het hart er vooral een leuke dag van te maken. De twee kunnen het goed met elkaar vinden. Zoals Eelke laatst zei: als je veel schaakt maak je snel en makkelijk vriendjes. En zo is het precies. Eelke en Ruben spelen ook zoveel tegen elkaar omdat ze eigenlijk precies van dezelfde sterkte zijn. In hun onderlinge partijen en ratings wisselen ze de afgelopen maanden voortdurend stuivertje met elkaar. De laatste keer won Ruben. Dus nu zou Eelke aan de beurt moeten zijn. En zo gebeurt het ook.

De twee zitten aan de tafel pal links van mij. Zoals te verwachten spelen ze een redelijk snelle partij. Openingen kennen deze kinderen al veel beter dan ik. Veel kan ik er dus niet over zeggen, behalve dan dat alles er heel normaal uitziet. Eelke zegt later dat hij van Hiddo geleerd heeft tegen de draak welke Ruben op het bord zet (vooral door de naam geloof ik een populaire opening bij kinderen), je als wit lang moet rokeren en dan met de pionnen de zwarte koningsstelling moet bestormen. Weten we dat ook weer.

In elk geval leidt het tot een kort maar heftig middenspel met een aantal best lastige combinaties waarin wit een centrumpion wint. Nu hoeft een pion achterstand niet direct desastreus te zijn, maar Eelke weet deze in korte tijd naar de overkant te brengen.

Naar Eelke's oordeel is het een goede partij, waarin beiden geen grote fouten maken. Bij het naspelen thuis zie ik ze in elk geval niet. Integendeel. Als het zo bekijk betwijfel ik ernstig of ik het van deze mannen zou kunnen winnen of het zelfs maar tot remise zou kunnen brengen.

Zelf speel ik vandaag met zwart tegen Pieter van Foreest. Jawel, het jongere broertje van Jorden die op het hoofdpodium zijn tweekamp tegen Hans Ree speelt, en niet te vergeten zijn andere talentvolle broer Lucas die hoog in de B van het hoofdtoernooi speelt! Ik beschouw het als een eer.

Pieter is een vrolijk baasje, een kleine spring-in-'t veld, hij rent de zaal regelmatig in en uit. Maar zijn achternaam dooft in mij elke onderschatting. En terecht, want aan zijn zetten merk ik weinig van slechte concentratie.

In de opening zet Pieter mij al meteen voor het blok. De zetten zijn: 1. e4, e5 2. Pf3, Pc6 3. Lc4, Lc5 4. b4! Ik krijg dus de b-pion gratis aangeboden. Natuurlijk is het een truc. Ergens vaag kan ik me herinneren dat Eelke mij dit wel eens heeft laten zien. Maar daar stopt het. Moet ik de pion slaan met mijn loper? Het stinkt aan alle kanten, dat is zo helder als glas en dus zou de conclusie meteen moeten zijn: niet doen. Na lang nadenken kom ik echter juist tot het tegenovergestelde: ik moet nemen.

Ik heb drie zeer goede argumenten, waarop ik eigenlijk best trots ben dat ik die in deze toch wel precaire situatie zo helder kan beredeneren:

a. Als ik terug ga met mijn loper zie ik niet direct een goed vervolg. Pieter schuift de pion gelijk door naar b5 zodat die vervolgens het andere ontwikkelde stuk, mijn paard, aanvalt. Op die manier laat ik dus twee stukken van mij opjagen door een onnozele pion, een pion nota bene die ik eerder gewoon had kunnen pakken. Sta je even mooi te kijk. Dat dus nooit!
b. Hoe je het ook wendt of keert: als ik neem sta ik een pion voor. Het zal dan misschien niet goed zijn, maar ik weet ook dat wanneer ik niet aanneem ik in de voortzetting ook fouten zal maken. Dan toch liever fouten maken met een pion meer. Zo simpel is dat.
c. Pieter is tenslotte (nog) geen Jorden of Lucas, dus ik heb iets van: maak het eerst maar eens waar Pieter!

Ik weet het, schaaktechnisch snijdt het allemaal weinig hout. Maar bij gebrek aan schaaktechniek gaan er andere motieven wegen. Een daarvan is het gevoel waarmee je uiteindelijk de tafel denkt te zullen gaan verlaten. Winst of verlies is daarbij secundair en staat daar voor een deel zelfs los van. Zo kun je winnen en er toch weinig plezier aan beleven, b.v. omdat je tegenstander blundert. Ik weet zeker: van de loper terugtrekken zal ik niet gelukkig worden, wat er verder ook gebeurt. Dus nogmaals: nemen die hap! Der Tod oder die Gladiole!

Dus 4 .., Lxb4. Dan 5. c3, La5 6. d4, exd4 7. 0-0 Na kan ik doorslaan op c3, zodat ik 3 pionnen veroverd heb en Pieter vooralsnog geen enkele! Maar beter lijkt mij nu toch 7 .., Pf6. 8. cxd4 en nu besluit ik met Pxe4 ook een tweede aangeboden pion te aanvaarden. Ik zie wel het gevaar dat ik in het midden totaal klem kom te staan met mijn koning, dame en witte loper. Maar wie A zegt, moet ook B zeggen, vind ik. Doorgaan op het ingeslagen pad.

De rest van de partij laat ik achterwege, wie geïnteresseerd is kan die natuurlijk opvragen. Rokeren lukt inderdaad bij lange na niet meer, en wordt uiteindelijk ook mijn ondergang. Maar daartussen in sta ik ergens lange tijd glad gewonnen. Pieter wint al snel een pion terug, maar laat dan een dubbele aanval op dame en paard toe. Hij wint de tweede pion terug, maar meer compensatie voor het paard dat hij aan mij moet laten heeft hij niet. Op de volgende zet verzuim het met een eenvoudige kwaliteitswinst af te maken. Het kan nog steeds maar Pieter heeft het natuurlijk ook gezien en heeft tijd voor een maatregel. Nu krijgt hij eindelijk zijn toren op e1 en pent een tiental zetten lang mijn paard op e7. Daar heb je dus het gedonder.

Met kunst- en vliegwerk kan ik me aan de druk ontworstelen. Het meest tevreden ben ik wanneer ik niet in een heel, heel sneaky valsstrik van Pieter trap. Hij zet zijn loper op f4 die ik vanwege de gepende witte g3-pion met mijn dame van g4 zogenaamd kan slaan. Bijna heb ik de dame in mijn vingers, maar net op tijd zie ik dat Pieter dan met zijn dame mijn toren op g8 slaat, die ik vanwege mijn eigen gepende paard op e7 niet terug kan nemen. Het is dan schaak en Pieter wint meteen ook de andere toren op a8. De hemel zij dank. Je zult maar op die manier verliezen!

Als ik er dan eindelijk in slaag mijn paard van e7 uit de penning kan halen, zou het met twee sterke lopers tegenover wits ene paard dik gewonnen moeten zijn. Pieter biedt twee keer remise aan, en hoewel elk half punt welkom is, kan ik het echt niet aannemen. Maar Pieter blijft het me moeilijk maken en ik ga tijdsdruk voelen. Met zogenaamde veilige manoeuvres hoop ik de 40 zetten te halen, om het dan in alle rust af te maken. Pieters koning staat nog altijd veilig achter 3 pionnetjes, die van mij echter staat vanwege de opening nog steeds midden en tamelijk bloot op het bord. De torens worden belangrijker en daar heeft Pieter er nog steeds twee van. Helder maar vooral snel denken gaat lastiger. Ik verlies een tempo vanwege alweer een nare penning. Ik breng weliswaar mijn toren op de tweede rij en val met de loper dubbel aan op f2. Maar tegelijk laat ik een schaak toe, doe misschien een onhandige koningszet en als Pieter met de dame binnendringt is het mat plotseling niet meer te vermijden. Prima gedaan Pieter, het is je volkomen gegund!

Met Eelke en Ruben zijn twee Paardensprongers al behandeld. Door mijn lange en spannende partij heb ik van de andere partijen weinig meegekregen. Ik hoor alleen de uitslagen. Martijn wint van Hans van Everdink, de eerder overwinnaar van Jonas. Dat lijkt me een meer dan uitstekende prestatie. En, even de zaken rechtgezet voor de Paardensprong! Met een mooie 2 uit 3 loopt Martijn nu voorop bij de Paardensprongers. Niels moet zijn eerste punten nog pakken, maar dat gaat zeker gebeuren. En Jonas speelt remise tegen oude rot Paul Zilverberg. Ook helemaal niks mis mee, dunkt mij.

Hopelijk zijn er morgen geen onderlinge partijen. En dan gewoon alle punten naar de Paardensprong!

woensdag 27 maart 2013

Dag 2: een tranendal (Vader en zoon op Schaakfestival 2011)

(Oorspronkelijk gepubliceerd op Paardensprong site, 28 dec 2011, zie evt. hier)

Gisteren een dag van euforie in huize de Boer. Natuurlijk kan daar maar één ding op volgen ... Want zo is schaken. Na de overwinning komt onverbiddelijk - ooit - de nederlaag, soms duurt het even, maar hij komt altijd, meestal snel, en niet zelden meteen al in de volgende partij. Het geldt voor grootmeester, de middenmotor en ook als je onderin speelt. Na onze beide remises van gisteren die aanvoelden als overwinningen, lopen Eelke en ik vandaag tegen een hard verlies aan.

De tweede dag van het Schaakfestival staat in het teken van tranen.

Eelke is het eerste slachtoffer, hij wordt in het middenspel onverwacht in enkele zetten mat gezet en houdt het niet droog. Eelke speelt met zwart tegen een zekere Gert Numan, een ratingloze deelnemer die gisteren ook nog een bye opgenomen heeft. Je weet dus helemaal niks. Kort na de opening wint Eelke een pion en in een kort voorbijgaan wekt hij bij mij de indruk dat het varkentje wel even gewassen zal worden. Naar zijn stelling kijkend vind ik al dat het zover nog lang niet is. Eelke heeft lang gerokeerd, en niet zelden is dan de a-pion - na een lange rokade vaak ongedekt - een zwakke plek in de stelling waar terdege rekening mee moet worden gehouden. Eelke heeft zijn pion wel gedekt met een paard op c6, maar toch zal het even later daar fout lopen. Vanachter mijn bord achterom kijkend zie ik hem even later in tranen de stukken op het bord terugplaatsen. Ik loop er even heen en heb de indruk dat hij plotsklaps een zware blunder heeft begaan.

Als ik later thuis kom en hij het me nog wel even wil laten zien, blijkt dat reuze mee te vallen. Eelke heeft zijn a-pion een veld doorgeschoven met de bedoeling een loper van veld b5 af te houden. Dit is de fout. Met de de dame op de a-lijn offert wit zijn loper door juist op a6 te slaan. Het onheil is dan al geschied. Zwart neemt de loper met de b-pion, dame neemt met schaak, en omdat de d-lijn vanwege een witte toren voor de koning verboden terrein is loopt hij door dezelfde toren op een eveneens open b-lijn mat. Oké, a6 is een verkeerde zet, maar toch moet je een offer en één of twee opvolgende zetten in je berekening meenemen om tot die conclusie te komen. Als kinderen van 8 dit als een blunder beginnen te beschouwen, zitten ze op de goede weg!
Nee, voor een echte ouderwetse blunder moeten we naar vader gaan. En dalen we af naar stap 1.

Ach, je kon er op wachten. Ik wist dat-ie zou komen. Ik speel in de tweede ronde tegen Ruud Steenbergen, die ik de dag ervoor een tafel verderop na een remise tegen de jonge Pieter van Foreest een onverbloemd gebaar van grote opluchting had zien maken. Met alle respect voor Pieter (toch een Foreest natuurlijk!), onwillekeurig meen ik een kans te moeten maken. Steenbergens rating van boven de 1400 ten spijt. Sinds gisteren - ja, ja het kan snel gaan - heb ik daar in alle overmoed weinig ontzag meer voor.

Ik neem weer alle tijd voor de opening. Wat heet! Met zwart neem ik op zet 1 al een fikse denkpauze! Op e4 en d4 of desnoods c4 ben ik voorbereid. Je speelt gewoon simpel dezelfde pion ook twee vooruit. Maar wat doe je in hemelsnaam als je tegenstander met g2 opent? In mijn eenvoud probeer ik elke openingszet terug te brengen tot een e4 of d4 opening en ik besluit dat g2 in de d4-categorie valt. Mijn antwoord is dus d5.

Net als gisteren vermijd ik grote fouten in de opening, en heb het idee dat ik die beter doorkom dan mijn tegenstander. Die heeft al sinds zijn vierde zet zijn dame op a4 staan, waardoor hij naar mijn idee ten eerste iets achter is gebleven in zijn ontwikkeling en ten tweede denk ik die dame met een paardzet tot een terugtocht te kunnen dwingen. Wat toch allemaal tempowinst zou moeten betekenen. De voortekenen van de blunder tekenen zich echter al af op zet 14. Ik speel b5 en na de verwachte (dat nog wel!) en-passant zet ben ik van plan met mijn paard op b6 terug te nemen. Plotseling zie ik echter dat mijn pion op c6 nu ongedekt is. (Ja logisch als je de pion van b7 opspeelt. Maar ja, bedenk het allemaal maar eens ...) Op een soortgelijke manier als gisteren heb ik weer geluk: c6 blijft gedekt doordat ik ook met mijn dame kan nemen. Het ziet er nog behoorlijk doordacht uit ook. Op de volgende zet speel ik mijn loper naar a6, die staat daar dreigend richting koning en is daar mooi gedekt door de dame van b6. Toch?

Op de een of andere reden - voor mij totaal onduidelijk waarom nou precies, maar waarschijnlijk moet je juist daarvoor echt kunnen schaken (maar zelfs dat weet ik niet) - begin ik het initiatief te verliezen. Om deze partij niet uit mijn vingers te laten glippen moet er naar mijn smaak nu echt iets gebeuren. Net op dat moment – voor het eerst in twee dagen – ontwikkelt er zich een heus plannetje. Helemaal precies uitrekenen kan ik het niet (later thuis blijkt het inderdaad niet helemaal te kloppen), maar mede onder tijdsdruk neem ik het risico. Voor dat plan moet ik het veld b6 weer vrijmaken voor het paard, en dus speel ik op zet 17 mijn dame van b6 naar c7. De lezer die nu de draad kwijt is en niet meer weet dat er op a6 nog een loper staat die nu ongedekt is: ik was dat ook vergeten, maar helaas wel aan het bord!

Ik zie de ramp meteen. Ik slaag er nog net in om geen verdachte bewegingen of bijgeluiden te produceren die mijn fout onmiddellijk zouden verraden en ook al duurt het enige tijd voordat mijn tegenstander zijn zet speelt (na afloop zegt hij inderdaad even gedacht te hebben aan een offer), het mag niet baten. Dus dame van a4 slaat loper op a6. Dank u wel, alstublieft. Dag loper. En gaat u maar weer naar huis.

De lol is er meteen af. Ik spel nog zeven zetten door, ben dan inmiddels een extra pion kwijt en voordat er ook nog een kwaliteit verloren gaat geef ik op. Weliswaar geen tranen, maar wel een zet om te huilen.

Tranen zie ik ook in de gangen van het Sportcentrum. Vandaag is de dag dat er in een van de belendende zalen een Grand-Prix toernooi voor kinderen wordt georganiseerd. Exact twee jaar geleden nam op dat toernooi Eelke's schakersleventje een stormachtige aanvang. Nog niet eens lid van een schaakclub maar slechts enkele maanden schaakles rijk op school van Hiddo Zuiderweg neemt hij op diens tip voor het eerst deel aan een heus toernooi. In de laagste groep behaalt hij meteen de tweede plaats en een bijbehorende beker. Eigenlijk van elk opvolgend toernooi, minimaal een per maand, keert hij dankzij een eerste, tweede of derde plaats met een beker terug naar huis. Met als hoogtepunt in juni de eerste plaats op de Nationale Pupillendag in Oosterhout. De weinige verliespartijen incasseert hij in die periode zonder enig probleem. Verloren partijen en traantjes komen pas later.

Ik vermoed dat er geen ouder is met een schaakkind die het nooit heeft meegemaakt. Huilen van het kind na een verlies. In de gangen van het Sportcentrum zie ik er weer enkele, al dan niet op schoot bij moeder of soms het verdriet alleen verwerkend. Schaken kan zo hard zijn. In zeker opzicht lijkt het wel een van de meest harde sporten die er bestaan. Tijdens het spelen sta je er volstrekt alleen voor, je ziet de rampen vaak totaal onverwacht en genadeloos voor je neus voltrekken en op dat moment is er niemand die je kan helpen. Na afloop komt dan de ontlading. Toch is het mooi en wonderlijk om te zien hoe snel de kinderen er altijd ook weer over heen weten te stappen.

Na de verliespartij zoek ik mijn troost in de commentaarruimte. De altijd amusante Hans Böhm analyseert het verloop van de beide tweekampen partijen en een partij uit het hoofdtoernooi. Hoewel de analyses je natuurlijk ver te boven gaan, bevatten ze ook voor de mindere schaker (en dus ook kinderen!) leerzame elementen. Zo legt Böhm b.v. uit dat het bijna nooit goed kan zijn om met een dame een pion te blokkeren. Een pion moeten blokkeren is nooit leuk, maar als het dan moet dan met een zo goedkoop mogelijk stuk.

En: er hoeft niet altijd actie te zijn op het bord, soms moet je gewoon alleen je stelling verbeteren en voor de rest gewoon wachten. Het is verrassend om te zien hoe interessant een analyse ook voor gewone stervelingen kan zijn. Een aanrader, op woensdag is Hans Böhm er weer, de dagen erna meen ik Gert Ligterink.
Aan het eind slaat Böhm op een andere manier toch eventjes de plank mis. In de partij die Anna Maja Kazarian verliest van Martine Middelveld gaat Anna Maja na stukverlies nog een paar zetten door - veel te lang naar de smaak van Böhm. De twee arriveren kort na de partij in de analyse ruimte en nadat Böhm eerst al per ongeluk zijn eerste zin tegen Anna Maja in het Engels begonnen is (even vergeten dat ze zo Nederlands is als maar zijn kan) confronteert hij haar met haar lange doorspelen, en vraagt of ze het misschien moeilijk vind om op te geven. En dan, ja u raadt het al, dan biggelen ook bij Anna Maja de tranen over de wangen. Böhm probeert de zaak te redden met de vraag of ze het erg spannend vind, zo schakend op een podium, maar het kan de zaak niet echt redden. Daar staat ze, meisje van pas 11 jaar voor een volle zaal. Ik heb met haar te doen maar neem tegelijk diep mijn petje voor haar af. Gelukkig worden beide speelsters door de zaal beloond met een welgemeend applaus.

Om positief af te sluiten: voor de Paardensprong als club is de dag aanmerkelijk beter verlopen dan dag 1. Jonas wint en alle kansen voor een mooie eindklassering zijn nog intact. Ook Martijn wint. Op de hem welbekende snelle manier. Toen ik mijn eerste twee zetten had gespeeld, had hij er denk ik al een stuk of 12 op zijn formuliertje staan. Ruben speelt remise en als ik het goed heb verliest Niels. Maar die moet er na de bye van gisteren gewoon nog even in komen.

Drie Paardensprongers en mijn persoontje staan op een half punt. De kans op een onderling treffen wordt steeds groter! Misschien al op dag 3.

dinsdag 26 maart 2013

Dag 1: remise (Vader en zoon op Schaakfestival 2011)

(Oorspronkelijk gepubliceerd op Paardensprong site, 27 dec 2011, zie evt. hier)

Het is tweede kerstdag en het is dus schaken geblazen. Geen familieverplichtigen, hiep hoi (..), we mogen schaken. Schaken op het Groninger Schaakfestival. Weliswaar in de onderste groep, de Compact D, maar dat mag de pret niet drukken. Integendeel.

De kop is er af. En hoe. We mogen gerust zeggen: het is feest in huize de Boer!

Vooraf aan mijn partij tegen Marton Bax, 25 jaar na mijn
laatste officiële schaakwedstrijd, nog even wat broodnodige
aanwijzigingen. (Foto: Ronald van Nimwegen).

Zowel Eelke als ik, zoon en vader, gaan naar huis met een remise tegen twee zwaar gerate 1400+ tegenstanders. Beide remises zijn zwaarbevochten, maar eens temeer voelen ze daarom aan als pure overwinningen. Eigenlijk is er sprake van drie remises, de interne stand in de familie is immers hiermee ook gelijk, 1/2 tegen 1/2, wat natuurlijk altijd prettiger is dan 0 - 0.

Na een dag kan ik al zeggen: het Schaakfestival is gewoon geweldig!

Hoewel de verwachtingen al dagenlang hooggespannen waren, had ik het 's nachts nog steeds rustig kunnen houden. De laatste nacht echter, moet ik bekennen, heeft het vooruitzicht van het Schaakfestival bezit genomen van mijn slaap. Ik droom dat we te laat aankomen, het Sportcentrum is veranderd in een soort doolhof waar ik het registratiepunt waar iedereen zich dient te melden maar niet kan vinden, ik beland in een soort café, waar ruig uitziende langharige maar voor de rest wel goedmoedige bezoekers me uiteindelijk de weg naar de juiste gang wijzen. Gelukkig zie ik een lange rij wachtenden voor me. Iemand stelt me extra gerust: "och, de meesten komen hier pas om 2 uur hoor, maak je geen zorgen". Toch meende ergens gelezen te hebben dat je bij een half uur te laat uitgesloten werd van deelname, en de aanmeldtijdstip van de eerste ronde is uiterlijk 12 uur. “Maar goed”, denk ik, “het zal wel”.

De droom lijkt warempel nog van een licht voorspellend karakter. Te laat vertrokken, raken in de haast Eelke's veters onderweg vast in de fietstrapper, hij komt pardoes tot stilstand en valt zelfs op het asfalt. Redelijk ongeschonden bereiken we net op tijd de speelzaal. Dan de loting. Eelke mag plaats nemen aan bord één. Dat lijkt een hele eer, maar is een kwestie van toeval en lijkt bepaald geen voordeel: hij moet het opnemen tegen de deelnemer met de hoogste rating van onze groep, een zekere Willem Schepers, bij ons niet bekend. Zelf speel ik tegen een eveneens voor mij onbekende Marton Bax.

Ruim na 13.00 uur heeft iedereen dan plaats genomen aan tafel. Maar het duurt nog even voor de klok ingedrukt mag worden. De tweede fase van het festival (start van de Compact afdeling) wordt ingeluid door een aantal, gedeeltelijk zelfs tweetalig, gedragen toespraken. Even denk ik op deze christelijke feestdag toch nog in een soort van kerkdienst beland te zijn, maar dan mogen we los.

Marton is een sympathieke (maar ja, welke schaker is dat niet hè) 18 jarige scholier die bij schaakclub Haren speelt. Hij polst wat naar mijn niveau (immers ik ben ratingloos), ik vertel hem van mijn legendarische top rating van 1300 uit lang vervlogen tijden, alhoewel ik daar om tactische redenen snel op laat volgen dat "ik zo goed al lang niet meer ben" ... Een beetje psychologisch zand in de machine strooien mag tenslotte, je weet nooit waar het goed voor is. Want ik weet zeker: een tegenstander van boven de 1400 en dan ook nog zo'n jonge jongen, dat wordt zwaar.

Iedereen weet dat in het schaken de opening enorm belangrijk is. In deze eerste partij geldt dit voor mij nog eens dubbel. Ik vind het niet erg om te verliezen. Maar alsjeblieft niet in de opening. Zoals een stuk verliezen na een zet of zeven. Te kijk gezet worden voor iedereen. Mijzelf kennende geef ik niet snel op, maar je kunt je afvragen wat dan eervoller is: er de brui aan geven of twee uur lang blijven doorhannesen.

Gelukkig heb ik wit. Dat geeft iets meer ruimte voor de drie gouden regels van de opening. Vooraf aan elke zet laat ik ze in mijn hoofd rondzingen: ontwikkelen, geen stuk twee keer verplaatsen, koning veilig. Zelf voeg ik daar aan toe: hoe banaal ook, bij elke zet drie keer nadenken voordat je hem werkelijk speelt. Dankzij dat laatste onthoud ik mij van afwijkende en overmoedige openingszetten. Dat ik voor een eenvoudige opening 20 minuten tijd neem laat ik langs me heen gaan. Niemand die me wat doet.

Na 10 zetten valt er een last van me af. Geen ongelukken, mijn tegenstander denkt ook lang na over de openingszetten, dus zo belachelijk zijn die van mij kennelijk niet. Was de opening dan toch afwijkend van de theorie? Vast wel. Ik vind zelfs dat ik ergens misschien wel beter sta. Sterker nog, ik overweeg dat het serieus tijd is voor aanvallende acties. Mijn lopers staan in elk geval goed gericht op zijn koningsvleugel. Zoals meestal echter, ontbreekt het aan een echt plan.

Al snel komt Martons e-pion gevaarlijk mijn kant op. Ik zie in dat die niet tegen te houden is, en neem het verstandige besluit daar ook geen energie in te steken. Ik plaats wat andere speldenprikken en tot mijn vreugde bespeur ik dat Marton die serieus neemt, mijn inziens te serieus. Naar mijn gevoel had hij beter mijn pion op d4 had kunnen slaan, in plaats van naar het vrije veld e4 door te stoten. Na een uur weet ik, dat ik ongeacht het resultaat, met opgeheven hoofd de zaal vandaag zal kunnen verlaten. Mijn deelname aan het Schaakfestival is geen afgang.

Hoe gaat het ondertussen met de vier jeugdleden van de Paardensprong? Ruben zit schuin tegenover mij, hij speelt tegen een twee meter lange mijnheer. Ik bezit niet de gave om direct te kunnen beoordelen wie beter staat, maar materieel heeft Ruben een voorsprong. Inderdaad hoor ik op een bepaald moment zijn tegenstander remise aanbieden. Maar het spel gaat door. Nog weer later ruimen ze de stukken op. Ik verneem dat Ruben zich mat heeft laten zetten. Jammer. Uit het commentaar van zijn tegenstander maak ik op dat het volstrekt onnodig was. Volgende keer gaat het je zeker lukken, Ruben!

Van Martijns partij krijg ik niks mee. Behalve dan wanneer hij verliest. Wel weet ik dat ook hij een geduchte tegenstander heeft. Niets om je voor te schamen. Martijns broer Niels heeft de voor vandaag toegestane bye opgenomen.

Jonas speelt tegen Hans van Everdink, als ik het goed heb sinds enige tijd barman bij schaakclub Groningen, en sindsdien op het schaakpad. Maar bridgend Groningen (Nederland?) kent hem natuurlijk decennia lang als lid van stads beroemdste bridgeclub APIH. Jonas staat verloren zie ik. Als ik even later Hans complimenteer met zijn overwinning op de Paardensprong topper, lijkt hij de faam van Jonas niet te kennen en mompelt achteloos: "ach, ik ben 50 jaar te laat met schaken begonnen." Wat zullen we nu krijgen? De schouders ophalen over "onze" Jonas?! Dat zullen we dan nog wel even zien: bij dezen leg ik de last van favoriet voor de eindoverwinning van de Compact D groep op diezelfde schouders van Hans van Everdink. Ik zou zeggen: Hans, maak het waar!

En Eelke? Uiteraard volg ik hem van alle Paardensprongers het meest. Ik ben er getuige van hoe hij – net als ik spelend met wit - een kwaliteit verliest. Aan zijn reactie zie ik dat hij een paardvork over het hoofd gezien heeft. In het voorbijgaan laat Eelke's tegenstander zich tegenover mij, misschien omdat mijn speciale belangstelling voor de partij hem opvalt, lovend uit over Eelke´s spel, dat hij goed uit de opening kwam, maar daarna even te snel was. De toon is er niettemin duidelijk één van iemand die zich inmiddels winnaar waant. Ik denk trouwens hetzelfde. Maar hoe anders zal het gaan. In het uur daarna zie ik dat Eelke geconcentreerd voor zijn kansen knokt. Op een bepaald moment zie ik hoe hij zwarts stukken allemaal vast op de onderste twee rijen teruggedrongen heeft. Ik zou Eelke haast toe willen roepen: bied remise aan! Maar dat mag en kan natuurlijk niet.

Zowel Eelke als ik schaken lang door. Uiteindelijk vormen we samen met de vader van Robby Kevlishvili de drie nog enig overgebleven tafels in de D groep waar nog gespeeld wordt. Voorwaar geen slecht gezelschap! Op zeker moment zie ik hoe Eelke de kwaliteit teruggewonnen heeft, materieel staat het bij hem weer helemaal gelijk! Of wikkelt zijn tegenstander af naar een gewonnen eindspel? Blijkbaar niet. Even later is het remise. Ik steek twee duimen op naar Eelke.

En ik dan? Beurtelings denk ik dat de stand in evenwicht is, dan weer dat het glad verloren voor mij moet zijn. Ik heb ook geluk. Ik denk een pion te kunnen winnen, die wel erg opzichtig aangeboden wordt. De pion is inderdaad giftig, want Marton kan er meteen één terug pakken met een paard die ik vanwege een niet opgemerkte penning moet laten leven, waardoor hij een vork heeft op dame en loper. Ik heb mazzel dat de loper nog net te dekken is door mijn dame. Ik bied een keer remise aan. Marton wijst af. Had ik ook gedaan als ik hem was. Een tweede keer remise aanbieden acht ik niet netjes. Het late eindspel is misschien nog wel te winnen voor mij. Maar het remiseaanbod van Marton grijp ik met beide handen aan. Ik ben dik tevreden.

Thuis spelen Eelke en ik onze partijen na. Noteren is overigens ook een kunst zo blijkt. Beiden hebben we gaandeweg zet 40 hier en daar een zet gemist. Maar er staat genoeg op papier om te vast te stellen dat waar het tussen ons tweeën gaat de dagprijs ruim voor Eelke is. Hij wijst bij diverse situaties in zijn partij op varianten waarvan ik ernstig betwijfel of ik die tijdens het spelen had opgemerkt. En het is werkelijk een genot om te zien hoe hij na het verlies van de kwaliteit zijn tegenstander onder niet aflatende druk zet. De paardvork van zijn tegenstander op e3 valt zowel Eelke's dame op d1 en toren op f1 aan. Eelke ontwikkelt meteen zijn dame naar f3 en de zet erna wordt het het vijandelijk paard op f1 door de toren van a1 teruggeslagen. Waarmee meteen een batterij op de reeds open f-lijn vuurklaar naar f7 en de nog niet gerokeerde zwarte koning wijst. Onafgebroken pijnigt hij daarna zijn tegenstander, de ene zet nog priemender dan de andere. Om gek van te worden. Ook een door hem opgelegde dameruil helpt zwart niet. Uiteindelijk staat wit met een trots paard op c5 pal voor een zwarte geisoleerde pion, die daardoor met geen mogelijkheid te verjagen is. Wits enige toren staat hinderlijk tussen twee zwarte pionnen op d6 en een gemene loper geeft ondersteuning vanachter de linies. Zwarts witte loper daarentegen wijst nutteloos naar zijn eigen pion op c6, en het bezit van zijn twee voortdurend op de twee onderste rijen opgejaagde torens lijken voor zwart eerder een last dan dat hij er plezier aan beleeft.

Hans Spanjersberg, een kennis van ons uit Amsterdam en een trouwe deelnemer aan het festival, fluistert mij serieus in het oor dat het kwaliteitsverlies een offer was! Helaas moet ik dat dus tegenspreken, maar het was wel hoe het uitpakte.

Hoe dan ook, Paardensprongers: Eelke's partij, en die van mij trouwens niet minder, laat zien dat er voor jullie op dit toernooi zeker punten te pakken zijn. Ook tegen de beteren van de groep! Zeker weten. En een verlies in de eerste partij kan in de loop van het toernooi soms heel gunstig uitpakken.

Allemaal veel succes op dag 2!


maandag 25 maart 2013

Vader en zoon op Schaakfestival 2011, dag 0: ofwel, wat er aan vooraf ging

(Oorspronkelijk gepubliceerd op Paardensprong site, 23 dec 2011, zie evt. hier)

Als vader van Eelke volg ik het schaken van Eelke natuurlijk op de voet. Begonnen bij schaakclub Groningen, speelt Eelke alweer sinds ruim een jaar bij jeugdschaakclub de Paardensprong. Daar heeft hij de smaak weer goed te pakken gekregen. Kort voor de zomer ontdekken we bovendien de internet schaaksite Gameknot, waarop we beiden veelvuldig beginnen te spelen. Mede daardoor maakt Eelke in het nieuwe seizoen een bliksemstart met een fikse ratingsprong tot in de 1100 punten. In de laatste Grand Prix-toernooien mag hij soms al plaats nemen in de A-groep.

Samen met Eelke in voorbereiding op Groninger
Kersttoernooi 2011 (Foto: Jorrit de Boer)

Op één van die toernooien heb ik het met Anders, de vader van Jonas, over het spelen van schaakpartijen met officiële lengte. Jonas doet incidenteel al mee aan toernooien voor volwassenen, en ik denk dat Eelke misschien ook zover is dat hij dat eens kan uitproberen. Anders wijst mij op het Schaakfestival van Groningen, een groot, meerdaags schaaktoernooi voor grootmeester tot huisschaker dat traditioneel elk jaar rond de kerstdagen gehouden wordt.

Thuis kijk ik op de site en zie dat er naast het hoofdtoernooi, dat maar liefst 9 dagen in beslag neemt, ook een zogenaamd Compact toernooi georganiseerd wordt, precies tussen de kerstdagen en oud en nieuw in. Ik zie Jonas al op de deelnemerslijst staan. Voorzichtig laat ik Eelke de site zien en leg hem een en ander uit. Op vijf achtereenvolgende middagen een partij schaken die wel 3 of zelfs meer dan 4 uur kan duren. Hij lijkt er wel oren naar te hebben. Ik waarschuw hem voor de lengte van de partijen en ook dat hij misschien de meeste partijen, zoniet alle, zou kunnen verliezen. Vooralsnog lijkt het hem niet af te schrikken. Ik houd de site in de gaten en zie hoe de deelnemerslijst, die gesorteerd is op rating, gestaag groeit. Er lijken zich meer kinderen aan te melden met ratings rondom de 1000 punten en onderaan de lijst staan ook een aantal ratingloze deelnemers. Na een week is Eelke nog steeds gemotiveerd om mee te doen.

Het Groninger Kerst-schaaktoernooi ken ik trouwens uit een ver verleden. Ooit, meer dan 25 jaar geleden, heb ik er zelf een keer aan deelgenomen. Bijster goede herinneringen bewaar ik er niet aan. Dag aan dag 4 uur zwijgend achter een schaakbord tegenover een meestal even zwijgzame tegenstander, ergens onderin het toernooi, zeg maar: de bodem van de bodem, en dan na afloop op de fiets de spreekwoordelijke donkere dagen in richting huis. Natuurlijk, meestal met een droevige nederlaag op zak. Nee, erg vrolijk kon je daar toch niet van worden.

Ik was in die tijd enkele jaren lid van schaakclub Groningen. Schaken had ik als kind al geleerd, en bij vlagen speelde ik het spel tegen vrienden. Ik dacht dat het niet anders kon of met mijn aangeboren talent (...), wekelijkse oefening en wat extra studie, moest ik het op een echte schaakclub een heel eind kunnen schoppen. Helaas. Niet zelden verknoeide ik met blunders mijn met veel pijn en moeite opgebouwde stellingen. Ook een boekje met openingen bood geen soelaas. Of het nu e2-e4 was, of d2-d4: meer dan 3 zetten van een opening kon ik niet onthouden, daarna husselde ik de vele varianten steevast door elkaar. Nog even meende ik met het riskante en agressieve koningsgambiet, e4 en daarna f4, mijn natuurlijke stijl gevonden te hebben ... Tot ik snel ook daarmee van het bord geveegd werd.

De ratings van een Karpov en Timman waren natuurlijk onmenselijk hoog, en dat enkele topspelers van de club een rating hadden van wel 2000 kon ik uiteraard ook accepteren. Maar dat horden eenvoudige clubspelers moeiteloos een elo van 1500 of 1600 bereikten, en ik daar met een gapend en onoverbrugbaar gat van zo'n 300 punten van verwijderd was en bleef: dat werd me op zeker moment toch echt te veel. Een rating van laag in de 1300 bleek mijn absolute plafond. Meer zat er niet in. Het was niet anders. Ik hing het schaakbord definitief aan de wilgen en gaf mij op voor een bridgecursus.

Bridgen bleek trouwens ook een leuke denksport, gezellig en vergeleken met schaken toch een stuk socialer, je speelde op een avond niet slechts een partij, maar al snel 20 potjes tegen vele verschillende mensen, en vanwege een grotere geluksfactor kon je tegen betere spelers zomaar eens winnen. Bridge speel ik sinds die tijd wekelijks.

Passief volgde ik het schaken echter nog steeds en mijn ontzag voor het spel en zijn beoefenaars bleef onverminderd groot. Al die tijd beschouwde ik het schaken op de denkbeeldige denksportladder als ver verheven boven bridge. Dat bridgen mocht dan aardig zijn, stiekem bij mezelf noemde ik het - en op een schaaksite dus hardop - spottend een (denk)sport voor talentlozen. Nee, dan schaken! Geen twijfel mogelijk. Dat was het echte werk. (Zo hoor ik dan toch nog een beetje bij de schakers ... hoop ik ...).

Ik neem de deelnemerslijst nog eens in mij op, en kijk weer met speciale aandacht naar de onderkant ervan. Zou ik tegen hen niet hier en daar een puntje kunnen pakken? Moest ik het misschien toch nog een keer proberen? Heb ik niet eerder gefantaseerd dat het leuk zou zijn wanneer ik samen met Eelke eens in eenzelfde toernooi zou kunnen spelen? Ik besef dat dit daarvoor het uitgelezen moment is. Immers, sneller dan ik had verwacht moet ik erkennen dat Eelke in het schaken eigenlijk niet meer voor mij onder doet. In vluggertjes is hij mij tegenwoordig meestal zelfs de baas. En in een zelf georganiseerde "officiële" thuismatch over 4 rapid partijen won hij dit najaar al eens van mij met 2 1/2 tegen 1 1/2. Op de een of andere manier verbeeld ik me echter nog steeds dat als ik heel erg mijn best doe en alle tijd zou nemen, ik nog steeds de betere ben.

Hoe het ook zij, ik zie duidelijk in dat er nooit een betere gelegenheid is geweest mijn krachten te meten met die van Eelke dan nu op dit toernooi en ook dat zich in de toekomst nooit een betere gelegenheid meer zal voordoen. Immers, het lijkt zeker dat Eelke als zoon mij als vader over een jaar voorgoed voorbij gestreefd is. Ik zal deze verkozen uitdaging aan moeten nemen of ik wil of niet. Het is nu of nooit. Met het risico van een smadelijke 0 punten aan het eind. So be it!

Ik zeg tegen Eelke dat ik besloten heb om mee te doen. Hij lijkt er niet bijster van onder de indruk, maar maant mij slechts aan ons dan eindelijk eens aan te melden. Dat doe ik, zij het dat ik met de betaling wacht tot de laatste week. Maar dan is het ook definitief. En is er geen weg meer terug.

Zelfs de loting zal spannend zijn. Zal ik in een van de partijen gekoppeld worden aan Eelke? En daarnaast: zal ik hem voor kunnen blijven in de stand? Of is het wellicht beter mijn doel nu al bij te stellen? Dat wil zeggen: niet met 0 punten (evt. gedeeld) onderaan eindigen? In het Compact toernooi is het mogelijk op de eerste speeldag (die op tweede kerstdag valt) een bye te nemen. Je krijgt dan een half punt toegekend. Maar dat is mijn eer te na. Ik wil op eigen kracht de punten verdienen. Dus ook op tweede kerstdag moet er geschaakt worden.

Tot mijn genoegen zie ik dat de deelnemerslijst langer en langer wordt, en daarmee automatisch ook onderaan. Een enkel punt moet ik toch kunnen halen, zo houd ik mezelf voor. Blijven er 4 partijen over. Als ik erin slaag om slechts in één daarvan mijn beste schaak te spelen, heb ik er al 2. Dan nog een remise erbij en ik zit op 50%. Welja, nog even, en ik doe mee voor de prijzen!

Bij de nieuwe deelnemers ontwaar ik Ruben als derde Paardenspronger en de laatste week schuiven ook Niels en Martijn aan. Zonder andere kinderen van de club tekort te willen doen: praktisch de gehele Paardensprong top geeft hiermee dus acte de présence. Ik ga me erop verheugen. Wat zal mijn plaats zijn in dit Paardensprong geweld? Ik hoop van ganser harte een of meer van hen als tegenstander te treffen.

Nog een paar dagen en dan gaan we los. Zelfs als de nullen zich aaneen mochten rijgen, ligt het in mijn bedoeling elke dag een persoonlijk verslag te doen van het toernooi. Overigens: op het moment van dit schrijven is aanmelding voor het Compact toernooi nog steeds mogelijk, de termijn sluit op vrijdag 23 dec om precies 24.00 uur. Dus kinderen maar natuurlijk vooral ouders ...!

Ik wens alle Paardensprongers veel succes en heel veel plezier op het Schaakfestival!