... Dan, ’s avonds, val ik volkomen onverwacht in een overrompelende aflevering van DWDD Saturday Night. Matthijs van Nieuwkerk presenteert de muziekkeuze van zijn speciale gasten, de twee Rotterdamse uitbaters Leen en Bertus van hun op oude leest geschoeide kapperswinkel Schorem Haarsnijder & Barbier ... Twee uur lang op primetime is het rauwe rock-’n-roll dat de klok slaat: metal, punk, trash, garage, psychobilly en andere prettig gestoorde gekte ... Deel twee wordt ingevuld met een muziekfilm op voorspraak van de gasten. De mannen van Schorem hebben gekozen voor de documentaire Lemmy uit 2010.
Lemmy, achternaam Kilmister en drieënzestig jaar ten tijde van de opnames, is oprichter,voorman, zanger en bassist van Motörhead, de rockband waarmee hij na ruim tien jaar omzwervingen in de wereld van de popmuziek midden jaren zeventig zijn ultieme vorm en eindbestemming vindt. (...). Wie de groep niet kent zoekt op internet naar hun bekendste nummer, de klassieker ‘Ace of Spades’.
Zo is het al vijfendertig jaar en zo zal het blijven zolang Lemmy leeft.
Dertig jaar later
Met zijn grote gestalte, de leren broek strak om de lange spillebenen, hoge laarzen, twee dreigend langs het lichaam zwaaiende armen en volle bakkebaarden die overlopen in een brede snor, vertoont Lemmy een verbluffende
gelijkenis met Tedje van Es, de minder slimme helft van de ‘Tegenpartij’, een creatie uit 1980 van het befaamde televisieduo Van Kooten en De Bie. ...
‘Most players play something like this,’ zegt Lemmy, en hij plukt wat aan de snaren, pom pom-pom pom-pom. ‘Where as I...’ Lemmy draait een aantal knoppen van de versterker open, die je vervaarlijk hoort suizen, want elke beweging wordt nu duizend maal elektrisch versterkt, ‘sound quite different...’
(...)
De incidentele aantijging nazisympathisant te zijn pareert hij simpel met de stelling dat hij zeker zeven donkergekleurde vriendinnen in zijn leven heeft gehad, waarmee hij toch moeilijk zijn opwachting had kunnen maken bij ‘der Führer’. ...
Midden jaren zestig speelt hij bij een band die zich de Rockin’ Vickers noemt. Met het bekende ‘Dandy’ van Kinks’ Ray Davies noteren ze een bescheiden hit.
(...)
Omdat dit een keurig blog is, houdt Stacia in deze video haar kleren aan.
Maar er bestaan andere waarin u haar beter kunt leren kennen...
Begin jaren zeventig is hij lid van Hawkwind (...). Het door Lemmy gezongen Silver Machine’ bereikt een nette plaats in de top veertig. Liveoptredens van Hawkwind trekken de aandacht door de aanwezigheid van een naaktdanseres (...). Heel goed herinner ik mij de foto waarop de vooral ook zeer rondborstige Stacia haar act tot halverwege heeft opgevoerd en hoe ík als veertienjarige de Muziek Express (...) veelvuldig opensloeg op de pagina waar die stond afgebeeld. ...
Het verhaal LEMMY, GODFATHER OF HEAVY METAL is geheel te lezen in:
Als u helemaal tot hier gekomen bent en alle video's hebt uitgekeken, dan kan het niet anders of u bent u een echte liefhebber. Neemt u nog eens twee uur de tijd voor de hele documentaire:
Lemmy Kilmister overleed op 28 december 2015. Laatste nieuws: sinds enige tijd maakt Lemmy in de pophemel furore met zijn nieuwe supertrio. Lees hier hoe dat precies zit. Niet te missen als de namen Jimi Hendrix, Keith Emerson en Emerson Lake & Palmer u iets zeggen.
(Eén:) bij ontbijt de geboorte precies 14 jaar geleden van Eelke's oudere broer gevierd, (twee:) 's middags met 2½ uit 3 winnaar van een vierkamp op het Zuidlaarder schaakfestival, na een identiek resultaat op de Tata Steel weekendvierkampen en een zorgvuldig - meer dan een klein inside verslag op de site van de Meppeler schaakvereniging is er niet over terug te vinden - buiten de publiciteit gehouden score van 5 uit 5 in een zeskamp op het Dwingeler Boerenkool schaaktoernooi van een week eerder, zonder enige gekheid mijn derde achtereenvolgende toernooizege in zes weken, jawel, met 9 overwinningen en 2 remises ben ik in dit jonge jaar nog ongeslagen en lijk ik mijn schaakbestemming gevonden te hebben: rápid is mijn ding en Drenthe mijn provincie, (drie:) godzijdank nu eens even geen oranje overwinning bij een Olympisch schaatsonderdeel, mooier nog, verslagen met een verschil van een luttele 3 duizendste van een seconde op de 1500 m, zonder dat hadden we nooit getuige kunnen zijn van de weelderige haardos en fraaist gevormde mannentorso van de gehele Spelen die verliezer Koen Verweij ons op het middenterrein minutenlang toonde, en de schaatsbeelden wáren al zoveel beter te pruimen sinds de afwezigheid van koning Willem Alexander op de tribune met naast zich de meest huichelachtige vrouw van het westelijk halfrond, let op mijn woorden: ooit, te midden van een rits onnavolgbare huwelijks- en politieke schandalen en andere vrouwelijke machinaties, komt haar ware aard aan het oppervlak en zal zij, Maxima, het einde van de Nederlandse monarchie blijken te hebben ingeluid, al te hard mogen we dus ook weer niet over haar oordelen, en dan (vier, en de aanleiding om op dit blog voor het eerst af te wijken van zijn onderwerp:) volkomen onvoorzien, gratis en helemaal voor niks en net als je denkt dat de dag er bijna op zit, een lange lange zaterdagavond getrakteerd worden op de meest gedenkwaardige tv uitzending sinds de spraakmakende voorstelling van volksschrijver Gerard Reve in de Heilige Hart Kerk, voor het Nederlandse publiek in beeld gebracht door de VPRO, we schrijven dan 1969, thuis waren wij - in de woorden van Neerlands grootste schrijver van de vorige eeuw - nog niet eens in het bezit van een verrekijk.
Wat was het geval? In twee avondvullende uitzendingen presenteerde Matthijs van Nieuwkerk de afgelopen zaterdagen in een speciale aflevering van De Wereld Draait Door, DWDD Saturday Night, de muziekkeuze van zijn speciale gasten. De eerste keer was het al goed raak met het sportjournalisten duo van een in topvorm verkerende Hugo Borst en een verrassende Henry Schut. Een prachtige persoonlijke inkijk in vijftig jaar popgeschiedenis gleed aan de kijker voorbij, meest oud en bekend werk maar ook recenter en hedendaags en soms met voor mij althans volkomen onbekende namen.
Maar het is werkelijk helemaal niets vergeleken met wat een week later meer dan tweeëneenhalf uur onafgebroken over de kijker wordt uitgestort. Weinig verwachtingsvol doordat de aangekondigde gasten mij niets zeiden had ik het programma bijna een half uur te laat ingeschakeld. Mijn aandacht wordt meteen getrokken door een opname van een spetterend openlucht concert van heavy metal band Iron Maiden voor een menigte waarvan het einde in de horizon verdwijnt. Daarna zie ik Van Nieuwkerk in gesprek met twee keurig gecoiffeerde heren van ik schat ergens in de veertig, de ene klein van stuk met bolhoed en wipsnor, de ander groter met een dikke jaren vijftig bril op zijn neus en een baard zo vol, zwart en lang dat ik in hem een rasechte Hollandse moslimbekeerling vermoed. Beiden zitten strak in driedelig pak maar zijn tevens zwaar getatoeëerd. Achter hen een twintigtal even goed gesoigneerde soortgenoten, vooral met veel snorren en baarden, allen net even anders maar in dezelfde stijl gekleed, maar wel zonder uitzondering stijf staand van de brylcreem. In hemelsnaam, vraag ik mij af, wat is dit voor gezelschap? En wat doen deze lieden in DWDD Saturday Night?
Leen en Bertus van Schorem Haarsnijder en Barbier met hun muziekkeuze bij Matthijs van Nieuwkerk's DWDD Saturday Night
Rust wordt de kijker niet gegund en een volgend muziekfragment laat mij van pure opwinding van de bank ploffen. Matthijs van Nieuwkerk kondigt aan: "Rainbow Theatre 1977, New Year’s Eve, van het album It's Alive, ze mochten vanavond niet ontbreken" en Blitzkrieg Bop het lijflied van de onsterfelijke Ramones dendert voorbij.
Alhoewel onsterfelijk, driekwart van deze Amerikaanse punkrock band van het eerste uur is al jarenlang morsdood maar destijds waren het decennialang mijn absolute favorieten. Het legendarische "Hey-ho, let's go" wordt in de studio massaal nageaapt. Een gevoel van geluk vaart in mij als ik besef hoe weinig het had gescheeld of ik had dit gemist. Ik dompel mij onder in het bad van het ongetwijfeld verrukkelijke anderhalf uur dat nog komen gaat.
Tussen de bedrijven door google ik op de laptop naar het hoe en wat van deze verzameling bizarre maar wel zeer prettig gestoorde gasten. De twee heren, Leen en Bertus genaamd, blijken eigenaren van een nog maar kort bestaande Rotterdamse kapperszaak. Maar geen gewone kappers. De twee hebben het aloude vak van barbier opgevat. De naam van hun winkel: Schorem Haarsnijder en Barbier. Knippen en ouderwets scheren. Alleen voor mannen. Honden mogen naar binnen, vrouwen niet. Voor hen is de winkel verboden terrein: omdat "elke man recht heeft op een plek waar hij even man kan zijn". Een behandeling op afspraak is niet mogelijk, klanten wachten gewoon tot ze aan de beurt zijn wat zomaar een anderhalf uur kan duren maar in de tussentijd krijgen ze daarvoor wel een goed glas bier geserveerd. In een kostelijk optreden in een aflevering van DWDD van vorig jaar doen Leen en Bertus zelf alles haarfijn uit te doeken.
Vreemd genoeg kwam daarin niet hun hartstocht voor muziek of liever gezegd rock and roll voor het voetlicht. Misschien om die te bewaren voor deze Saturday Night. Want zaterdagavond gaat het alleen maar dáar over. Rock and roll. In al zijn varianten maar steevast van het zuiverste water.
Niet alleen de twee hoofdgasten blijken kenners. Bij elk muziekfragment wordt een van hun kompanen achter hen, waarvan het mij niet duidelijk is of het medewerkers, vaste klanten of zelfs fans zijn, naar voren geschoven die - de een nog meer welbespraakt dan de ander - vol geestdrift zijn liefde voor de komende artiest of band belijdt. Tijdens uitzending van het fragment beweegt het hele gezelschap met de muziek mee en gaan ze meer dan eens volledig uit het dak. Niets walgelijker dan vijftigers, wat zeg ik zestigers die voor de gelegenheid en onbeschaamd in het volle zicht van een televisiecamera meezingen met mainstream hits zoals altijd te zien is in de eerste uren van het nieuwe jaar op een van de Nederlandse publiekszenders. De mannen van Schorem doen hier precies hetzelfde, maar als je keurig in het pak gestoken heren couplettenlang gemene punk- en underground teksten woordelijk met hun mond mee ziet bewegen verdwijnt gene als sneeuw voor de zon - dit is echt en puur.
Het is in de eerste plaats trash, metal, garagerock, punk, rockabilly, psychobilly, punkabilly of hoe het ook allemaal mag heten wat de klok slaat. Niet lang na de Ramones komen de krankzinnige Cramps voorbij met hun clip van Creature from the black leather lagoon, voor mensen met een sterke maag.
De beste band ooit, roept er iemand. Dat wordt zelfs onze Matthijs ("nou, beste band ...?) te gortig. Een dag later haal ik hun platen uit het stof en bekijk vroegere live opnamen op YouTube. Ik zie vijfentwintig jaar rock and roll geschiedenis gestoken in een met waanzin gevuld punkjasje anno eind jaren 70 / begin 80, alles met zorg bedacht en uitgevoerd. Nee, zo heel erg ver zat dat kappertje er ook weer niet naast.
Er zijn twee zwoele dansfragmenten uit films van regisseur Quinten Tarantino. Mijn kennis van hem is beperkt al weet ik hoe hij met Reservoir Dogs het heerlijk vrolijke zomerliedje Little green bag van (nadien braakmiddel) George Baker een terecht ereplaatsje in de popgeschiedenis heeft gegeven.
De heren van Schorem verzekeren dat Tarantino keer op keer heeft bewezen alles perfect te begrijpen en je gelooft ze op hun woord, want ik ben al lang overtuigd dat Schorem zelf precies weet hoe het allemaal in elkaar steekt.
Hapjes en schuimend bier gaan rond en het gezelschap wordt steeds vrijer. De kleine, of het nu Leen of Bertus is weet ik nog altijd niet, voert het meest het woord. De moslimman laat het zich allemaal welgevallen, alleen als aan het eind Mink DeVille aan de beurt is zet hij een voet tussen de deur. Mink DeVille is voor hem, het is zijn held. Eerder al heeft hij verkondigt hoezeer muziek uit al die verschillende tijdsgewrichten op de een of andere manier altijd met elkaar verbonden blijkt, hoe alles immer in elkaar grijpt en hoe mooi dat is. De vergelijking met Reve ("ik begrijp niet hoe iemand er anders over kan denken dan ik") is niet geheel uit de lucht gegrepen, er is een gesloten wereldbeeld waarbuiten niets bestaat, kan bestaan en hoeft te bestaan want alles klopt. De terloopse humor waarmee een en ander gepaard gaat is trouwens een tweede overeenkomst. Groot verschil: de leden van Schorem zitten er super relaxt bij en genieten zelf het meest.
Er is een Lowlands opname van de hardst spelende Nederlandse band Peter Pan Speedrock, Charlie Chaplin als barbier in de Great Dictator, Creedence Clearwater Revival (Schorem: "tijdloos, let alleen niet op hun kapsels!") met Bad moon rising.
Het moet van rond 1969 zijn, van Gerard Reve had ik nog nooit gehoord, maar CCR was mijn eerste band, zesde klas lagere school. De opvolgende tien jaar distantieerde ik mij er van alsof het een weliswaar begrijpelijke, maar toch ernstige jeugdzonde betrof, ja de ontwikkelingen gingen snel. Maar als ze in 2014 met terugwerkende kracht de zegen van barbier Schorem ontvangen kun je de schaamte, zo die er nog mocht zijn, ver van je werpen. Guns N' Roses krijgt een plaats en een van de vele verrassende filmpjes is die van een feestband bestaande uit Amerikaanse Ieren. Het gezelschap, aangevoerd door een gastzangeres die, zo bekennen de heren van het vrouwenverbod, "niet onaardig is om naar te kijken", zet hun nummer rustig in om het vervolgens te laten ontploffen in een soort van orgastische folkpunk. Stop! Dit is niet om te missen!
En dan is dit nog lang niet alles, sowieso trouwens is er het eerste half uur dat ik gemist heb.
De gekozen en besproken muziekfragmenten worden enkele malen onderbroken door live muziek in de studio. De muzikanten en bands - allen qua uiterlijk en muziek geheel in stijl van de avond - zijn geselecteerd door barbier Schorem en gaan helemaal loos. De namen zeggen me niets, maar met hun opzwepende optredens winden ze de hele studio moeiteloos om de vinger. Ergens tussen 10 uur en half 11 neemt de uitzending dan een einde.
Máááár dames en heren ... we zijn nog niet klaar, dit was pas de helft ...
Deel 2 van DWDD Saturday Night wordt gevuld met de vertoning van een rockdocumentaire of -film, natuurlijk op voorspraak van de geachte gasten. Borst en Schut kozen een week eerder voor 'Some kind of a monster' over de dreigende teloorgang van heavy metal band Metallica, volgens kenners een van de beste in het genre. Ik was niet onder de indruk van de eerste tien minuten (hardrockers op de bank bij een therapeut!?) en bezweek al snel voor de druk van mijn huisgenoten over te schakelen naar 'De grote improvisatieshow' en andere moderne ongein. Deze avond kan daar geen sprake van zijn; vrouw en kinderen heb ik al twee uur lang veroordeeld tot het met oordopjes in verplicht filmkijken of gamen op ieders eigen tablet dan wel Macbook en nu ik laat ik ze één voor één vertrekken richting slaapkamer. Vanaf de eerste minuut zit ik weer gekluisterd aan het scherm.
De kappers van Schorem hebben gekozen voor de documentaire 'Lemmy' uit 2010. Lemmy, achternaam Kilmister en 63 jaar ten tijde van de opnames is oprichter, voorman, zanger en bassist van Motörhead, de rockband waarmee Lemmy na ruim 10 jaar omzwervingen in de wereld van de popmuziek midden jaren zeventig in één klap zijn ultieme vorm en tevens eindbestemming vond.
Het geluid van Motörhead is uit duizenden herkenbaar. Het tempo onverminderd hels, bas en drums dreunend, de gitaar striemend en daar nog net boven uit Lemmy's zang schreeuwend, kermend en vooral heel erg hees. Zo is het al 35 jaar en zo zal het blijven zolang Lemmy leeft. Voor wie ze niet kent, dit Ace of Spades is hun bekendste nummer waarvan hier ook een live versie, met een andere gitarist en drummer maar eenzelfde Lemmy zij het 30 jaar ouder. Wat je er ook van mag vinden, het valt niet te ontkennen: het heeft iets. Of nee, het is uniek, geweldig en niet te geloven dat een bijna zeventigjarige dit neerzet op het podium.
De termen metal of grunge bestaan in 1975 nog niet. Er bestaat op dat gebied alleen hardrock, het genre waar Motörhead in eerste instantie onder geschaard wordt. Punk zorgt voor een revolutie in de rockcultuur en zet zich heftig af tegen de steeds pompeuzer en megalomaner wordende muziek, shows en gedragingen van de ver van hun roots afgedwaalde gearriveerde rocksterren inclusief die van de meeste klassieke hardrockgroepen. Lemmy trekt zich van niemendal wat aan, zoals hij als kind van de hippiegeneratie nooit hippie werd. Lemmy gaat zijn eigen weg en groeit mede daardoor uit tot Godfather van Heavy Metal. Een genre dat vanaf de jaren tachtig/negentig als aparte stroming met zijn talloze variaties binnen de popmuziek een niet meer weg te denken plaats heeft ingenomen. Ook de punkers weten Lemmy langzaam aan op waarde te schatten en, sommigen vroeger anderen later, allemaal omarmen ze hem uiteindelijk als één van hen. Zoals Lemmy hen al lang in zijn grote armen gesloten had, zonder dat ze het wisten, ja zelfs nog voor ze waren geboren, want Lemmy was waarschijnlijk al in het begin van jaren zestig punk.
De documentaire laat onze held zien als een levende stripfiguur. Met zijn grote gestalte, de leren broek strak rond de lange spillebenen, hoge laarzen, de armen twee decimeter aan weerszijden van het lichaam dreigend zwaaiend en volle bakkebaarden die overlopen in een dikke snor, vertoont Lemmy een verbluffende gelijkenis met Tedje van Es, de minder slimme helft van de Tegenpartij, creatie van het befaamde televisieduo Koot en Bie op het hoogtepunt van hun carrière rond 1980. Het lachwekkend stoere, want 'far over the top', loopje dat Wim de Bie met zijn lange lijf meer dan eens aan zijn typetjes gaf, trekt in de film in de persoon van Lemmy meer dan twee uur aan je voorbij. Geen twijfel mogelijk, al sinds de oprichting van Motörhead, moet dit letterlijk de gang zijn waarop hij - zonder enige vorm van zelfironie - door het leven stapt. Vergis je niet, Lemmy vat de taak die hij als levende rocklegende te vervullen heeft uitermate consciëntieus op.
Ronduit schitterend is de scene waarin hij zijn manier van basspelen demonstreert. "Most players play something like this", zegt hij en Lemmy plukt wat aan de snaren, pom pom-pom pom-pom. "Where as I ...", Lemmy draait een aantal knoppen van de versterker open die je vervaarlijk hoort suizen want ja elke beweging wordt nu tienduizend maal elektrisch versterkt, "sound quite different ..." en begint dan met alles wat aan en in zijn handen zit onbedaarlijk op zijn basgitaar te timmeren, de herrie van een compleet orkest producerend. Het is de sound van Motörhead die uit de boxen knalt, zijn gouden uitvinding, de conceptie van grunge, metal, death, hardcore en wat dies meer zij. Het moet pure menslievendheid van Lemmy zijn geweest dat hij al die jaren steeds twee andere leden in zijn band heeft toegelaten, want als je de bas zo bespeelt zou je het prima zonder gitarist en drummer kunnen stellen.
De hele film door laat Lemmy ons delen in zijn wijsheden. Het verhaal dat hij 2000 vrouwen zou hebben gehad is niet waar, het waren er slechts 1000, niet veel verklaart hij want met zijn leeftijd van 63 is dat maar een schamel gemiddelde per jaar. Seks duurt op zijn best een half uur, een rock and roll set anderhalf uur, dus die keuze was snel gemaakt, "that's why I never married". De verklaring van een ooit aan de heroïne verloren vroege liefde en het ontbreken van een vader vanaf zijn babyjaren wijst hij als psychologie van de koude grond van de hand.
Twintig jaar geleden is hij verhuisd naar de States. Als Lemmy niet met Motörhead de wereld rondtoert, brengt hij de dagen en nachten hoofdzakelijk door achter de gokmachine in het plaatselijke etablissement, zijn op een na belangrijkste bezigheid in dit leven en laat zich welwillend op de foto zetten met en door passerende toeristen die zich verbazen over de vriendelijkheid van de zo woest ogende reus. Roem, rijkdom en weelde laten Lemmy volstrekt koud. Het door hem gehuurde onderkomen is tot in alle hoeken volgeplempt met de meest uiteenlopende prullaria al dan niet door diehard fans aan hem geschonken tot oorlogswapens en een verzameling swastika's aan toe. De incidentele aantijging van nazisympathisant te zijn pareert hij simpel met de stelling dat hij zeker zeven donkergekleurde vriendinnen in zijn leven heeft gehad waarmee hij toch moeilijk zijn opwachting had kunnen maken bij 'der Führer'. Voor de rest houdt hij zich in leven met whisky en pillen.
Nog meer dan muziek blijkt punk een levenshouding. Die een leven lang vasthouden is aan weinigen gegeven. Aan Lemmy is het toevertrouwd. Lemmy deugt, daar kan geen misverstand over bestaan.
Interessant is de aandacht die de film besteedt aan Lemmy's episode voorafgaand aan Motörhead. Geboren in midden Engeland verkiest hij de Beatles ver boven de toch vuigere Rolling Stones. Lemmy heeft veel meer op met de arbeidersstad Liverpool dan het Londen waar de Stones vanuit een kunstacademie milieu ontstonden. Midden jaren zestig is hij lid van de Rockin' Vickers die met het bekende Dandy van Kinks' Ray Davies een bescheiden hit noteren. Op het internet lees ik dat ze succesvol op het Europese vasteland speelden tot in Finland en Joegoslavië, waar ze het zelfs tot een ontmoeting brengen met opperbaas Tito. Al veel dichter bij zijn aard komt het volgende belangrijke hoofdstuk in Lemmy's loopbaan: roadie bij Jimi Hendrix. Hij regelt ook de drugs voor de sensationele gitarist, die niet te beroerd is deze broederlijk met hem te delen. (Of hij Prince dan niet goed vindt, vroeg ooit iemand aan hem, zo vertelt Lemmy elders in de film, "I said no, I've seen Jimi Hendrix ye'know").
Begin jaren zeventig is hij lid van Hawkwind waarvan de stijl in de pers gedoopt wordt tot spacerock. De groep heeft met Silver Machine, gezongen door Lemmy, een soort van cult hit die zelfs tot in de top 40 weet door te dringen. De groep trekt mede de aandacht omdat het zijn optredens laat opvrolijken met de aanwezigheid van een naaktdanseres. Deze indertijd bijzonder aantrekkelijke Stacia (ah, dat is waar ook, dat was haar naam!) komt in de film kort aan het woord. Heel goed herinner ik mij de foto waarop de vooral ook zeer rondborstige Stacia haar act tot halverwege heeft opgevoerd en hoe ík als 14-jarige de Muziek Express (of was het wellicht de wat vrijmoediger Muziekparade?) veelvuldig opensloeg op de pagina waarop die stond afgedrukt. Lemmy wordt gedwongen de band te verlaten. Oorzaak: drugsgebruik. Lemmy voelt zich het best bij speed, de rest van de groep zweert bij LSD. Ja, dan houdt het op.
En de rest is dus geschiedenis. Een lange rij van rockhelden passeert in de film de revue en allen verklaren zich schatplichtig aan deze man. Een van de mooiste bijdragen is van Henry Rollins, voorman van de Californische Black Flag maar meer nog punkideoloog. Hij vertelt hoe Lemmy, geboren in 1945, ooit tegen hem zei: "I remember times where there was nó rock and roll!". Het klinkt als van iemand die de ellende en honger van een oorlog aan den lijve heeft ondervonden en daarmee een verwend kind dat zijn eten laat staan tot de orde roept. Rock and roll als eerste levensbehoefte.
Maar ook godfathers hebben niet het eeuwige leven, al weet je het met Lemmy nooit. Een zonnetje in huis lijkt Lemmy nooit te zijn geweest. In de documentaire drukt zijn gezicht vaak een intense droefenis uit. Zo nu en dan breekt een flauwe glimlach door, als van een in het leven berustende bejaarde die terugdenkt aan een gebeurtenis uit een ver verleden toen hij nog jong was. Nee, rocklegende zijn is geen eenvoudige job. Maar iemand moet het doen.
Aan het eind van de film laat de regisseur Lemmy vanuit verschillende hoeken met opgestoken middelvinger, zijn handelsmerk, afscheid nemen van de toeschouwer. Op dezelfde wijze zal hij ooit dit leven verlaten, dat is een ding wat zeker is. Nederland had Herman Brood, de wereld heeft Lemmy. Nog wel, heel erg lang zal het waarschijnlijk niet meer duren. Naar het schijnt loopt Lemmy sinds kort met een geimplanteerde defibrillator in zijn borstkas. Als rocker met bijbehorende levensstijl ligt zijn leeftijd naar burgerlijke maatstaven gemeten natuurlijk ook ergens dik in de honderd.
Ach, we moeten er niet om heen draaien, de hele ávond is er een geweest van lang vergane glorie. Werkelijk alles was heel erg van de vorige eeuw. In een onbewaakt ogenblik leest Eelke een gedeelte van mijn tekst, snapt er natuurlijk niets van, maar heeft al wel meteen zijn oneliner klaar: "Papa, je bent gewoon een oude man. De reden dat jij zoveel van geschiedenis weet is dat je het allemaal zelf hebt meegemaakt!". Die zit. Ik houd mijn mond.
Dit nog dan. We leven in een vrij en democratisch land, ik weet het en dat moet zo blijven, maar omroep Max, asjeblieft, weg ermee!
Het Tata Steel Chess Tournament is nog in volle gang. Toch is het al weer een week geleden dat Eelke en ik acte de présence gaven in de weekendvierkampen.
Onderstaande foto kreeg ik toegestuurd van moeder Ruben en Thijmen. Zij zag hoe Eelke vanuit de sporthal van Dorpshuis de Moriaan - de zaal waar het allemaal gebeurt - een kijkje nam hoe ik het er van afbracht in groep 9, de laagste van de vierkampen en daardoor veroordeeld tot spelen in het nabijgelegen Café de Zon, en drukte haar toestel af. Waarvoor mijn dank.
Foto Judith Bourgonjen
Ik speel hier tegen Willy van Harten die met haar man en drie kinderen als complete familie deelnam aan het wereldberoemde schaaktoernooi. Met het beeld van de schakende grootmeester in zee op de achtergrond en gezeten op een podium achter een afscheiding, zou je bijna denken dat het hier één van de hoofdtoernooien betrof.
(Oorspronkelijk gepubliceerd in het toernooiboek van het Schaakfestival Groningen 2013: 'Chess Festival Groningen 20-30 december 2013')
Toen ik werd gevraagd een bijdrage te schrijven voor het toernooiboek van het Schaakfestival Groningen 2013 moest ik meteen denken aan het eerste artikel dat ik precies twee jaar geleden schreef voor de website van SC de Paardensprong, de bloeiende Groningse jeugdschaakvereniging waar mijn achtjarig zoontje destijds net een jaar lid van was. Samen met vier clubgenoten had hij zich ingeschreven voor het Compact toernooi van 2011. Ik besloot hun voorbeeld te volgen. Minder vanwege het schaken dan wel dat het mij de gelegenheid bood een serie van dagelijkse schaakverslagen te schrijven over het Schaakfestival, die ik voor een deel in het teken plaatste van een denkbeeldige competitie tussen vader en zoon.
Mijn verhouding tot het Schaakfestival en het schaken in het algemeen kan ik niet beter verwoorden dan in onderstaande alinea’s uit het eerste artikel van die serie:
“…
Het Groninger Kerst-schaaktoernooi ken ik trouwens uit een ver verleden. Ooit, meer dan 25 jaar geleden, heb ik er zelf een keer aan deelgenomen. Bijster goede herinneringen bewaar ik er niet aan. Dag aan dag vier uur zwijgend achter een schaakbord tegenover een meestal even zwijgzame tegenstander, ergens onderin het toernooi, zeg maar: de bodem van de bodem, en dan na afloop op de fiets de spreekwoordelijke donkere dagen in richting huis. Natuurlijk, meestal met een droevige nederlaag op zak. Nee, erg vrolijk kon je daar niet van worden.
Ik was in die tijd enkele jaren lid van schaakclub Groningen. Schaken had ik als kind al geleerd, en bij vlagen speelde ik het spel tegen vrienden. Ik dacht dat het niet anders kon of met mijn aangeboren talent (...), wekelijkse oefening en wat studie, moest ik het op een echte schaakclub een heel eind schoppen. Helaas. Niet zelden verknoeide ik door blunders mijn met veel pijn en moeite opgebouwde stellingen. Ook een boekje met openingen bood geen soelaas. Of het nu e2-e4 was, of d2-d4: meer dan drie zetten van een opening kon ik niet onthouden, daarna husselde ik de vele varianten steevast door elkaar. Nog even meende ik met het riskante en agressieve koningsgambiet, e4 gevolgd door f4, mijn natuurlijke stijl gevonden te hebben ... Tot ik snel ook daarmee van het bord geveegd werd.
De ratings van een Karpov en Timman waren natuurlijk onmenselijk hoog, en dat enkele topspelers van de club een rating hadden van wel 2000 kon ik ook accepteren. Maar dat horden eenvoudige clubspelers moeiteloos een elo van 1500 of 1600 bereikten waar ik met een gapend en onoverbrugbaar gat ver van verwijderd bleef: dát werd me op zeker moment toch echt te veel. Een rating in de 1300 was mijn plafond. Meer zat er niet in. Het was niet anders. Ik hing het schaakbord definitief aan de wilgen en gaf mij op voor een bridgecursus.
Bridgen bleek trouwens ook een leuke denksport; gezellig en vergeleken met schaken bepaald socialer. Je speelde op een avond niet slechts een partij, maar al snel 24 potjes tegen verschillende mensen, en vanwege een grotere geluksfactor kon je tegen betere spelers zomaar eens winnen. Bridge speel ik sinds die tijd wekelijks.
Passief volgde ik het schaken echter nog steeds en mijn ontzag voor het spel en zijn beoefenaars bleef onverminderd groot. Al die tijd beschouwde ik het schaken op de denkbeeldige denksportladder als ver verheven boven bridge. Dat bridgen mocht dan aardig zijn, stiekem bij mezelf noemde ik het - en op een schaaksite dus hardop - spottend (ook met mijzelf) een (denk)sport voor talentlozen. Nee, dan schaken! Geen twijfel mogelijk. Dat was het echte werk. (Zo hoor ik dan toch nog een beetje bij de schakers ... hoop ik ...)
…”
Karpov - Timman tijdens IBM toernooi Amsterdam 27 mei 1981
(Foto: Rob Bogaerts/Anefo, Nationaal Archief, zie evt. hier)
Precies zo was het. En zo is het. Zelfs de namen van (Anatoly) Karpov en (Jan) Timman waren, zo blijkt nu, raak gekozen. Want juist zij spelen de traditionele tweekamp op het Schaakfestival van 2013. Puur toeval natuurlijk, maar dat ik de namen van deze twee noemde was niet toevallig. In mijn puberjaren maakte ik hun beider opgang naar de wereldtop bewust mee en alles wat je in die fase intens tot je neemt blijft je leven lang bij je.
Vergeleken met 2011 is er meer dat gelijk gebleven is, zoals mijn schaakrating. Er zijn ook dingen veranderd, gelukkig maar: zoonlief is mij inmiddels ruim voorbij en kan in de komende editie van het Schaakfestival in de Open B groep misschien nog hoge ogen gooien.
Het schrijven over schaken in de rol van schaakvader ging mij beter af dan het schaken zelf. In die hoedanigheid beleefde ik begin juni het meest bijzondere schaaktoernooi dat ik in 2013 in Nederland meemaakte: het Basamro Chess Tournament op voormalig cruiseschip de ss Rotterdam gelegen in de haven van de gelijknamige stad.
Net als de tweekamp op het komende Schaakfestival werd dat toernooi georganiseerd in het kader van het Nederland-Ruslandjaar 2013 met o.a. een teamafvaardiging uit Moermansk, de Russische stad overigens waarmee Groningen al bijna 25 jaar een stedenband onderhoudt. Jan Timman was er een weekend lang de prominente eregast. En het was in de wandelgangen dáar dat ik vernam van het sensationele plan om Karpov en Timman voor een tweekamp op het Groninger Schaakfestival samen te brengen.
De belevenissen op dat toernooi inspireerde mij tot het schrijven van een lang verhaal op het schaakblog ‘schaakvaderverhalen’ dat ik net gestart was: “Het BASAMRO Chess Tournament! Sprakeloos ….”. Een verhaal over heden en verleden, oude en nieuwe roem, mijn ontmoetingsloze ontmoeting met Nederlands levend schaakmonument Jan Timman, en over terugkerende sprakeloosheid. Omdat ik toch bezig ben, ook daaruit een persoonlijke passage:
“…
Ik voel een aandrang in het binnenste van mijn rechterarm, alsof die een eigen wil heeft, om een beweging in zijn richting te maken. Een hand uitsteken naar Jan Timman? En zeg ik daar nog iets bij dan? Ik ben die en die en ik geef u nu een hand? Moet ik hem met ‘u’ aanspreken of behoort ‘jij’ ook tot de mogelijkheden? Ben ik überhaupt bij machte iets meer dan onnozel gestamel voort te brengen? Waarom trouwens eigenlijk hier Timman de hand schudden? Het feest is voorbij. Of denk je soms dat hij hier nu staat om afscheid van iedereen te nemen? Speciaal van jou natuurlijk, ha!
…”
Jan Timman tijdens de simultaan van het Basamro Chess Tournament, 1 juni 2013
(Foto Ab Scheel)
En zo komen er aan het einde van het jaar een aantal lijntjes fijn bij elkaar. Op het Schaakfestival Groningen 2013. Ik zal er bij zijn en alles op de voet volgen. Op afstand natuurlijk, want ik ken mijn plek. In de staart van de Open C of – als ik voor de korte versie kies - de Compact D.
Derde en laatste bedrijf. We schrijven ronde vijf. Mijn twee overwinningen heb ik laten volgen door evenzoveel nederlagen en ik sta weer met beide benen op de grond. De dag ervoor verloor ik van jeugdspeler Abe Algra, die met zijn snelle spel de indruk wekte de meeste van mijn zetten allang te hebben voorzien. Op deze laatste dag prijs ik me dan ook gelukkig met een tegenstander op leeftijd, Timon Bos. Ik weet inmiddels wie hij is. Die zo onopvallende heer die in de eerste ronde schuin tegenover mij zat, maar wel zo hard was in recordtijd te winnen van Quinten, al was mij niet duidelijk geworden hoe dat precies in zijn werk was gegaan. Hoe het ook zij, dit was een opgelegde kans het toernooi mooi af te sluiten.
De goden in de schaakhemel gingen er eens goed voor zitten. Ik, sukkel, had geen besef van het spelletje dat met mij werd gespeeld...
Lees over het onwrikbare bewijs van het bestaan van de schaakgoden in:
Traditiegetrouw barst het Schaakfestival Groningen pas echt los op tweede Kerstdag. De pakweg 200 schakers die de negenrondige Open competitie spelen en er al vier dagen op hebben zitten, worden vanaf vandaag vergezeld door een 150-tal Compact schakers die vijf ronden voor de boeg hebben. De vier laatste dagen zal trouwens de drukte het grootst zijn, omdat het aantal bye's dan minimaal is. Vanaf nu is er maar één opdracht voor elke Schaakfestival deelnemer: punten scoren!
63 jaar verschil tussen de 6 jarige Machteld van Foreest en Ruud Steenbergen
(Foto toernooisite)
Eelke speelt voor het eerst in een Open groep, de B. Zelf neem ik mijn vertrouwde plek in in de Compact D. In beide groepen vindt er vandaag een grootschalige confrontatie plaats tussen de volwassen schaker en de kindschaker, de oudjes tegen de jonkies. Zoals bekend neemt een groot aantal jeugdschakers deel aan het Schaakfestival, naar verhouding vooral in de onderste groepen. Het is onontkoombaar dat de ene jongere de andere ontmoet aan het schaakbord - minder boeiend want vaak kennen ze elkaar al door en door van het jeugdschaak.
Veel interessanter is het als het kind de oudere schaker treft. Vandaag was er in dat opzicht veel te genieten. Ik heb eens even geturfd en telde in de Open B van de twintig partijen acht ontmoetingen tussen oud en jong. De grens legde ik bij 16 jaar, een 17- of 18 jarige mag je een schaakvolwassene noemen. In de Compact D was de uitkomst nog veel frappanter: van de dertien wedstrijden liefst tien tussen de generaties!
Je bent dan natuurlijk benieuwd naar de resultaten. Welnu, ik zal de uitslag verklappen: die was 11-7 voor de oudjes. Had u gedacht dat de kinderen zouden winnen? Zoals vaak het geval is als op een schaakclub bij gelegenheid de kinderen het tegen de ouders opnemen en daar meestal de vloer mee aanvegen? Die vergelijking gaat echter volledig mank, immers veel van die ouders raken de schaakstukken zelden of nooit aan.
Op een echt schaaktoernooi ligt dat heel anders, de volwassenen noemen zich allen schaakspeler, niet zelden een doorgewinterde. Dat stelt de uitslag in een ander daglicht. Nog wat statistiek. Opgeteld bedraagt de leeftijd van de achttien kinderen 206 jaar. De achttien volwassenen stellen daar 937 jaar tegenover ... Bijna een factor vijf meer aan schaakervaring!
Joris Spanjer, die moeiteloos 64 jaar overbrugt
(Foto toernooisite)
Het grootste leeftijdsverschil zat tussen de 12 jarige Joris Spanjer en zijn 64 jaar oudere tegenstander Han Meijer. Inderdaad, Joris won. Dat laatste lukte de jongste deelnemer van het hele toernooi net niet. De 6 jarige Machteld van Foreest moest - nog even - haar meerdere erkennen in de meer dan tien keer zo oude Ruud Steenbergen.
11-7. Die uitslag bevestigt wat iedereen wel weet: de oudere toernooischaker doet het in de broek voor de jeugdschaker. Hoe groter het leeftijdsverschil en vooral hoe jonger het kind, des te groter is de zucht van verlichting die de volwassene heimelijk slaakt als hij de partij tot een goed einde heeft weten te brengen.
Vandaag nam ik de eerste horde. Ik won van een 16 jarige. Maar één zwaluw maakt nog geen zomer. Er zijn nog vier ronden te gaan. En wat erger is: de gemiddelde leeftijd van de Compact kinderen ligt rond de tien jaar. Ik hoop dat ik het droog houd ...
(Oorspronkelijk gepubliceerd op de schaaksite, 23 dec 2013, zie hier)
Op onderstaande foto reiken Casper Schoppen en Eelke de Boer elkaar voor hun partij in de derde ronde van het Groninger Schaakfestival 2013 de hand.
De vaders, die het spel van hun zonen al lang de pet te boven gaat, kunnen slechts lijdzaam toezien bij het urenlange schaakgevecht dat de twee deze middag opvoeren. Het vijfde uur gaat in met een eindspel van een kale dame van Eelke tegen een toren, loper en drie pionnen van Casper. Het duurt nog eens een uur en in totaal zo’n 75 zetten voordat de laatste de materiële voorsprong heeft weten om te zetten in een overwinning.
Nog is het niet klaar. Samen met de aanwezige KNSB trainers wordt de partij nog eens dunnetjes overgedaan en slaat men het liefst de ene na de andere zijweg in. Ook hier hebben vader Casper en vader Eelke niets in te brengen.
Vandaag, zaterdag 30 november, namen Eelke en ik deel aan het Waling Dijkstra rapidtoernooi in de Tresoar, het Fries Historisch en Letterkundig Centrum te Leeuwarden, georganiseerd door de 166 jaar (citaat:) "jonge" schaakclub Philidor 1847. Het veld telde een zestigtal deelnemers, die gelijkelijk waren verdeeld over een A- en een B-groep.
In die laatste groep was ik met 4 punten uit 9 niet ontevreden. Natuurlijk gaf ik her en der de bekende cadeautjes, maar deze keer kreeg ik ze ook terug, en - nog belangrijker - wist deze zelfs te verzilveren. Eelke had het uiteraard aanmerkelijk zwaarder in de groep boven de 1800 ratinggrens, maar kwam toch uit op een keurige 3½ punt.
Onderstaande foto komt van de toernooisite, meteen de eerste uit het album van de A-groep (zie hier). Voordat u denkt dat het een shot is uit 'One flew over the cuckoo's nest', u weet wel, de beroemde psychiatrisch ziekenhuisfilm (uit 1975) met een briljante Jack Nicholson in de hoofdrol, maar evenzo onvergetelijk door de bonte verzameling van diens, altijd diep menselijke en dikwijls ontroerende, mede"patiënten" - neen, dit zijn de lieden waar Eelke met zijn 10 jaar dankzij zijn hoge rating tegenwoordig mee in schaakcompetitie is en voor wie hij zijn voetbalteam op de zaterdagmorgen in de steek laat ...
Is dit beeld misschien een antwoord op de vraag waarom het ene na andere goedbedoelde initiatief om de jeugd massaal aan het schaken te brengen steevast tot mislukking gedoemd lijkt? En, om helemaal eerlijk te zijn, als je dit ziet: moesten we daar misschien ook niet een kleín beetje blij om zijn? Jammerlijk is het natuurlijk wel: het zorgvuldig door de bijkans complete schaakwereld gepredikte nieuwe en frisse imago van de schaaksport na de wereldtitel van hunk Magnus Carlsen met een enkel plaatje naar de verdommenis geholpen - in één klap ben je weer terug bij af. Niettemin, wat een fantastische foto.
Begrijp mij goed, dit is geenszins respectloos bedoeld. Hoe zou ik durven? Links op de foto zien we de geachte Maarten Etmans uit het Friese Ferwert, die met zijn surplus van 64 levensjaren Eelke even hardhandig op zijn plaats zette. Om over de ander maar te zwijgen, dat is de in Duitsland woonachtige Rus Vladimir Epishin die voortdurend aan de eerste borden te vinden was, wat wil je ook: internationaal grootmeester en een FIDE rating van 2550!
Er is trouwens hoop. Meteen als ik op de site doorklik naar de volgende foto, stuit ik op het beeld hieronder. Commentaar overbodig. Behalve dan dat hiermee toch weer het unieke en de charme van diezelfde schaaksport aangetoond is; uitersten als daar zie je ze nergens.
Dit is Iozefina Paulet. Vrouwelijk grootmeester. Tegen haar speelde Eelke onderstaande opvallende partij.
Afgelopen week speelden Eelke en ik in Hoogeveen het Univé schaaktoernooi. Zelf knoeide ik er als nooit tevoren lustig op los. Eelke bleef ongeslagen.
In de tweede ronde op de eerste zaterdagochtend kregen wij (in de vorm van een half punt) een bye toegekend, omdat Eelke door de organisatie was uitgenodigd als aangever te fungeren in de traditionele kindersimultaan in de Hoogeveense McDonald's. Hiermee in de voetsporen tredend van o.a. Anna Maja, de broertjes Van Foreest en zelfs Anish Giri. Een regelrechte eer!
Schaken in de Mac! Waarschijnlijk uniek in de wereld ...
32 Kinderen bonden de strijd aan met Eelke, die echter niet tot cadeautjes bereid was. Na ruim 2 uur spelen was op 24 borden het mat bereikt. Vanwege het tijdschema voelde wedstrijdleider Marc Snuverink zich genoodzaakt de voorstelling hier af te breken. De resterende 8 partijen werden door hem gewonnen verklaard.
Ook Wessel en Marrit Adema (beiden rechts) konden geen vuist
maken tegen hun "EK held". Maar Marrit was "wel de enige die
een zet deed die ik niet had gezien"!
Omringd door vrouwelijke fans ...
Alle deelnemers ontvingen een heus getuigschrift met een handtekening van de hoofdpersoon. Een van hen - ronduit een bewonderaarster - had haar zinnen gezet om samen met hem voor een foto te poseren. Zo gezegd, zo gedaan.
De McDonalds schaaksimultaan voor en door kinderen is een bijzonder mooie traditie die waarschijnlijk uniek is in heel de wereld. Prachtige reclame voor de schaaksport in een omgeving die je niet direct met schaken associeert. Met veel plezier voor alle kinderen en hun trotse ouders, ja ja - dat had u allang gezien - niet in de laatste plaats die van de simultaangever zelf.
Dan het Univé toernooi. Voor mij is het de eerste keer dat ik hier aanwezig ben. Ik ben op de hoogte van de goede reputatie die het evenement heeft en word daar niet in teleurgesteld. Prachtige entourage, mooie zalen, trappen, tafels, borden en stukken. Intiem, deftig en tegelijk ongedwongen en gewoon.
Sytze Faber, oud Hoogeveens burgemeester en (mede)initiator van het Univé
schaaktoernooi in ronde 4 tegen Sake Algra. Twee dagen eerder nam hij het op
tegen diens broer Abe Algra.
Huiskamervraag: waarom is deze indeling enigszins curieus te noemen?
Toch word ik verrast door iets wat ik niet wist: gratis koffie! Wat een uitvinding. Al dat gedoe van wel of geen koffie aanbieden, het al dan niet bezwaard aannemen of afslaan ervan, het verplicht terug aanbieden: het is allemaal in één klap van de baan. Heerlijk! Zo smaakte ook de koffie: heerlijk. Als je het allemaal zou uitrekenen is het misschien een behoorlijke kostenpost. Maar erop bezuinigen lijkt mij een slecht idee, ik zou dan eerder pleiten voor een koffie'pot' waar gedurende het toernooi spelers en bezoekers in kunnen doneren ten behoeve van gratis koffie op het Univé schaaktoernooi - succes verzekerd!
Eelke met wit tegen Toon Mentink, een partij (zie onder) die
- had zwart gewonnen - de spektakelprijs had verdiend.
Het prijzengeld wordt in Hoogeveen in
een achterafkamertje uitgekeerd,
overigens pas nadat je plechtig voor
ontvangst getekend hebt ...
In zijn 8 Univé partijen steekt Eelke in goede vorm. En hij houdt het simpel. Met zwart remise, met wit gewoon winnen. Dat brengt hem op 6½ punt voor een gedeelde 5-e plaats en een kleine geldprijs. En tja, daarmee 40 achtereenvolgende partijen ongeslagen in Hoogeveen ...
Niets dan lof dus voor het Univé schaaktoernooi. Het volgend jaar weer op de agenda, zoals door de organisatie op de slotdag werd gemeld, uiteraard in de herfstvakantie die in het noorden dan een week eerder valt, en vanwege de grote belangstelling waarschijnlijk uitgebreid met een nieuwe, korter durende, groep in de ochtend.
Mooie schaakmaanden zijn in aantocht. Wat het noorden betreft in december het Schaakfestival in Groningen inclusief de tweekamp Timman-Karpov. In januari - trots van schakend Nederland - het Tata Steel toernooi in Wijk aan Zee. Daaraan voorafgaand echter de schaakwedstrijd waar de gehele (schaak)wereld reikhalzend naar uitkijkt: de tweekamp om de wereldtitel tussen Anand en Carlsen. Op 9 november spelen zij hun eerste partij.
Aan groep 7A van de Nassauschool (Groningen) en andere geïnteresseerden:
Aan het EK schaken in Budva is een eind gekomen. Een prachtig Europees schaaktoernooi voor de jeugd in schitterende omgeving en omstandigheden. Maar nu zijn de helden vermoeid. We houden het daarom kort.
De winnaars van de Open14 groep. Number 1: Jorden from the Netherlands!
Gisteravond was er de prijsuitreiking in de grote speelzaal. Van elke groep worden de eerste 5 in het zonnetje gezet en krijgen een steeds groter wordende beker overhandigd. Hierboven heeft Jorden de immense bokaal net in ontvangst genomen. Plus: een laptop als prijs!
Om 3 uur 's nachts bij de receptie te wachten op de bus
Bij terugkomst op de hotelkamer is het inpakken geblazen. We moeten al om 3 uur 's nachts verzamelen bij de receptie voor de bus naar Podgorica. Sommigen gaan niet eens naar bed. Eelke en ik willen wel eerst nog slapen, anders gaan we het echt niet volhouden. Toch liggen we er niet vroeg in, slapen wil nog niet, onze hoofden zitten nog boordevol indrukken, van het hele toernooi en in het bijzonder de laatste speeldag. Gelukkig hoor ik de wekker om half 3 afgaan en zijn we op tijd. De terugreis is gelukkig zonder lange wachttijden en verloopt probleemloos.
Vanaf Schiphol nemen we de rechtstreekse trein naar Groningen. Home sweet home. Het waren 12 heerlijke dagen. Maar morgen zit Eelke gewoon weer bij jullie in de klas!
Aan groep 7A van de Nassauschool (Groningen) en andere geïnteresseerden:
Vanmorgen bedanken we trainer Pascal Losekoot met een presentje namens de ouders en kinderen van zijn trainingsgroepje: een officieel Budva EK geel scheidsrechter shirt en een lokale fles wijn.
Bedankt Pascal! Super!
Het bevalt ons hier wel best eigenlijk! We zouden zo nog graag even doorgaan, natuurlijk vooral omdat het met Eelke zijn schaken heel goed gaat. Gisteravond bracht hij precies het gevoel onder woorden wat ik ook heb. Als je het ergens naar de zin hebt lijkt de tijd vaak snel te gaan. Het gekke is dat we juist het gevoel hebben dat we hier al wekenlang zitten en dat de tijd dus langzaam gaat. Beter kan het niet: je geniet en de tijd gaat langzaam!
Waarschijnlijk heeft het iets met het dagelijks volle schema te maken. Vast om half 9 opstaan, ontbijten, Eelke intensief de partij voorbereiden met de trainer, rond 1 uur ’s middags warm (!) eten of brood , uurtje rusten en vertrek naar de speelzaal. En dan pas om 4 uur waar het allemaal om gaat: het spelen van de schaakpartij. Tussentijds probeer ik mijn stukjes te schrijven, soms ook voor de Paardensprong site (hier en hier en hier). Na de partij analyseren met je trainer en eten, wat we de laatste keren trouwens steeds vaker doen in een pizzatent en het naastgelegen café nabij de grote speelzaal die tezamen tot een soort Holland House zijn omgetoverd en waar de 18 Nederlandse deelnemers na hun partij één voor één binnen komen druppelen.
Vandaag de laatste ronde op het EK. We beginnen i.v.m. de sluitingsceremonie 2 uur eerder met de wedstrijden. Winst of verlies vandaag kan wel 30 of meer plaatsen schelen voor je plek in de eindrangschikking. Iedereen wil het EK natuurlijk goed afsluiten.
Indeling van de laatste ronde in Eelke's groep. Hij speelt tegen de Rus Dmitry Tsoi, die met
zijn rating van 1871 als 6-e geplaatst is. Zware partij dus!
Er is een héél kleine kans dat er voor Eelke nog meer op het spel staat. Bij winst komt hij op 6 punten en als dat een uiteindelijke (gedeelde) 10-e plaats oplevert, zou dat hoogstwaarschijnlijk een uitzending betekenen naar het WK jeugd schaken aan het eind van het jaar ... Voor een gedeelde 10-e plaats zijn echter bijna altijd 6½ punt nodig en dat zit er na de remise van gisteren niet meer in. Bovendien treft Eelke een pittige tegenstander in de als 6-e geplaatste Rus Dmitry Tsoi en speelt hij ook nog eens met de zwarte stukken wat altijd een klein nadeel is.
Voor één iemand binnen het de Nederlandse team is de partij van vandaag superbelangrijk: Jorden van Foreest. Hij deelt nu de eerste plaats met 4 anderen met 6½ punt. Grote kans dat er in de eindstand meer spelers op de eerste plaats zullen eindigen. Er zijn dan ingewikkelde regels om de uiteindelijk Europese kampioen te bepalen. Winnen is voor Jorden natuurlijk de beste optie, maar zelfs dan nog kan hij naast de titel grijpen. Op het moment dat ik dit schrijf zijn de partijen al bijna 2 uur aan de gang. Jorden is nog volop bezig en ook is er nog geen glimp van Eelke. Het is berespannend! Later meer ...
15:45 uur : JORDEN WINT!!!!!
Jorden na de partij meteen naar trainer Merijn van Delft. Gewonnen!!!!
Jorden wint!!!!!!!! Hij is in elk geval gedeeld winnaar. En misschien Europees kampioen!!!
Filmpje: Jorden wordt na zijn overwinning opgevangen door coach Merijn van Delft
En Eelke wint ook! 6 punten uit 9 partijen is een geweldig resultaat! In een veld van 123 een plaats bij de eerste twintig van Europa!
Filmpje van Eelke na zijn overwinning op de als 6-e geplaatste Dmitry Tsoi!
En nog iets hééél belangrijks: is Nederland in de laatste ronden dan toch op weg naar de beruchte ijsjesscore? Oh, daar had ik nog niet over gehad met jullie. De ijsjesscore is dat de Nederlanders uit 18 partijen 12 of meer punten scoren, wat door de trainers wordt beloond met een ijsje! Nou daar doe je natuurlijk alles voor ...
In de groep van Jorden wordt nog gespeeld. Het schijnt dat de zaken er goed voor staan ... Wordt hij uitgeroepen tot Europees kampioen?
Wordt vervolgd, maar wanneer is onduidelijk op dit moment ...
Waarschijnlijk is Eelke gedeeld 11-e of 12-e ... Helaas toch geen ijsjesscore ...
18.32 uur:
Maar Jorden is Europees Kampioen!! Gefeliciteerd!!
Hier de eindstand van Eelke zijn groep, de Open10.
Eelke is geëindigd op de 21-e plaats. Hij mag ook zeggen - samen met 13 anderen - gedeeld 11-e!
Het is nu nu 19.54 uur. We gaan inpakken, dan naar de sluitingsceremonie, wat slapen en dan om 3 uur (!!) vannacht verzamelen om de bus te halen ... Doeeeeeeeeg!
Aan groep 7A van de Nassauschool (Groningen) en andere geïnteresseerden:
14:24 uur
Nog 20 minuten en dan lopen we naar de twee speelzalen. Is het vandaag de dag van de waarheid? Hieronder zie je de indeling van ronde 8 in zijn groep, de Open10 groep.
De positie op de ranglijst bepaalt de plaats in de zaal. De linkerkolom van de lijst is het bordnummer. De koplopers zitten aan bord 1, en zo naar beneden. De borden 1 t/m 9 zitten staan op een verhoogd podium. Eelke neemt voor zijn partij tegen de sterke IJslander Vignir Vatnar Stefansson plaats aan bord 11, 2 borden verwijderd van het podium. Zo hoog heeft-ie nog niet gezeten. Maar het doel is - daar kan geen misverstand over bestaan - nog hoger.
Eelke wil morgen zijn laatste partij op het podium spelen! Daarvoor is winnen noodzakelijk. En dat zal niet makkelijk zijn. De IJslander heeft al op bord 2 gespeeld in dit toernooi maar zijn laatste 2 partijen verloren. Hij heeft dus flink hoog gestaan en is nu naar beneden gezakt. Net andersom dan bij Eelke. Die heeft zijn laatste 2 partijen gewonnen en is erg gestegen! Eelke is in de winning mood maar Vignir heeft iets goed te maken. Je mag verwachten dat Vignir behoorlijk sterk is, anders had hij in dit toernooi nooit zo hoog gestaan. Als het Eelke niet lukt, is het niet erg, want hij speelt een sterk toernooi. Maar hij heeft veel zelfvertrouwen en gaat er helemaal voor denk ik. Het is nu kwart over 6. Ondanks de regen ga ik richting de school om hem op te wachten. Hoe lang het duurt is niet te zeggen ...
Links: De Nederlandse E-tjes (geb.jr 2003) v.l.n.r. Eva, Alisha, Eelke en Tycho onderweg naar de speelzaal. Ze zijn de 4 jongste kinderen van Nederlandse team. Midden: Het podium met 3 tafels waarop de eerste 9 borden van de Open10 groep. Rechts: Eelke heeft een kwartier voor de partij zijn plaats ingenomen aan bord 11, twee plaatsen verwijderd van het podium!
19.00 uur:
Het is remise geworden! Na 80 zetten en bijna 3 uur. De IJslander was een sterke speler en Eelke is tevreden. Misschien later meer ...
Partij analyse in de pizza tent nabij de grote speelzaal. Trainer Pascal
analyseert met Casper Schoppen - Eelke kijkt toe.
Nog net zichtbaar achter: trainer Piet Peelen analyseert met Robin
Lecomte - Nick Maatman kijkt toe.
De stand na de 8-e ronde:
Eelke op nummer 34 in de stand met 5 punten.
Nummer 19 t/m 38 hebben allemaal 5 punten.
21:40 uur:
De tegenstander van de laatste ronde voor morgen is bekend: het is Dmitry Tsoi uit Rusland met rating 1871. Wat dat laatste betreft de zwaarste tegenstander die Eelke krijgt in dit toernooi, als 6-e geplaatst (d.w.z. qua rating de nummer 6). Net als vandaag op bord 11. Na Dmytri Minko (ronde 4), Dimitris Alexakis (ronde 6) en nu Dmitry Tsoi de derde tegenstander met die voornaam. Blijkbaar een echte schaaknaam!
Misschien Dimitrios (klasgenoot), misschien moet je schaker worden!!!
Aan groep 7A van de Nassauschool (Groningen) en andere geïnteresseerden: Om maar meteen met de deur in huis te vallen: Eelke heeft zijn partij in de 7-e ronde gewonnen! Zijn tegenstander Ahmet Utku Uzumcu uit Turkije gaf na zo’n 3 uur spelen bij de 43-e zet op. Die stond toen al dik verloren. Het was een erg goede partij van Eelke die verdiend won.
Natuurlijk stond ik weer in het donker op het schoolplein Eelke op te wachten. Toen hij naar buiten kwam kon ik al zien dat-ie waarschijnlijk gewonnen had. En toen - boven aan de trap staand - zijn ogen mij hadden gevonden en hij enthousiast zijn arm omhoog stak, was het natuurlijk helemaal duidelijk. Nog net kon ik de wazige foto van hiernaast maken.
Door de overwinningen in de laatste 2 ronden heeft Eelke een flinke sprong gemaakt in het klassement. Hiernaast zie je een deel van de stand. De nummers 20 t/m 31 hebben allemaal 4½ punt. Je mag dan zeggen dat je op een gedeelde 20-e plaats staat. Niet gek in een veld van 123 deelnemers! Maar er moeten nog 2 ronden worden gespeeld. Als je die beide verliest kukel je weer een heel eind naar beneden. In ronde 8 (maandag) is zijn tegenstander Vignir Vatnar
Stefansson uit IJsland, die je op plek 26 ziet staan en natuurlijk ook 4½ punt heeft.
Nu iets over het getal in de één na laatste kolom: de schaakrating. Zoals ik al eerder heb gezegd geeft dat getal de sterkte van de schaker aan. Hier zie je een lijst van de de 20 schakers met de hoogste rating in de wereld. De nummer 1 van de lijst Magnus Carlsen heeft een rating heeft van 2870. Op nummer 7 zie je Anand staan met een rating van 2775. Op nummer 15 staat Anish Giri als hoogste Nederlander, hij is nog geen 20 jaar.
Hoewel de rating van Anand bijna 100 punten lager is dan die van Carlsen, is hij toch de huidige wereldkampioen. Die titel zal hij dit najaar in een tweekamp verdedigen tegen Carlsen. Een tweekamp is een match van een aantal partijen waarin het er omgaat wie de meeste wint.
De meeste deskundigen denken dat Carlsen zal winnen. Omdat hij als sterkste schaker van de wereld wordt beschouwd. Je kunt dat ook zien aan zijn rating, er is nog iemand geweest die zo’n hoge rating heeft gehad. Let maar op. De match zal zeker in het nieuws komen. Helemaal wanneer Carlsen de winnaar wordt. Carlsen was al grootmeester toen hij 13 jaar was! Grootmeester is de hoogste titel die je als schaker kunt krijgen. Je moet er een rating van ongeveer 2400 tot 2500 voor hebben.
Waarom staat er bij Eelke in de rating kolom een 0? Waarom heeft hij geen rating? De rating in deze lijst is de internationale rating (RtgI). En omdat Eelke nog niet genoeg partijen heeft gespeeld die meetellen voor de internationale rating staat die op 0. Na dit toernooi krijgt hij die echter wel. Die zal waarschijnlijk ergens tussen de 1600 en 1700 liggen.
Top 10 in de Open10 na ronde 7
Eelke heeft wel een nationale rating, die is nu 1653. Er bestaat ook een rating voor kinderen, de jeugdrating. Die ligt bij Eelke ergens in de 1700. Eigenlijk is er niet echt veel verschil tussen die twee soorten ratings. Ook de internationale rating komt meestal aardig in de buurt van de nationale rating.
Om een idee te krijgen hoe de ratings zich tot elkaar verhouden zie je hier de top 10 van de Open10 groep (9 en 10 jaar) en die van de Open14 (13 en 14 jaar). De hoogste ratings in de Open10 liggen in de 1900. Die van de Open14 liggen in de 2400. Daar zit dus nog een groot verschil tussen. Maar bij jonge spelers stijgen die ratings soms snel. Anderzijds: hoe hoger de rating (boven de 2000), hoe lastiger om nog te stijgen.
Top 10 van de Open14 na ronde 7
In beide standen zie je trouwens dat de spelers met de hoogste rating niet op de eerste plaatsen staan.Een hoge rating is geen garantie dat je een wedstrijd of toernooi wint. Het is net als b.v. met voetbal. Ajax wordt beschouwd als een beter team dan zeg FC Groningen, het bewijs daarvan is dat ze altijd hoger eindigen in de competitie. Maar dat betekent niet dat de wedstrijd Ajax - FC Groningen altijd gewonnen zal worden door Ajax. FC Groningen zal ook wel eens winnen.
Hoe kom je nu aan een rating zul je je afvragen. Wel eigenlijk heel eenvoudig. Je begint met een lage rating. Als je wint dan stijgt je rating, verlies je dan daalt-ie. Maar dat niet alleen. Er wordt ook gekeken van wíe je wint of van wíe je verliest. Win je van iemand met een hoge rating dan stijgt je rating ook meer. Verlies je van iemand met een veel lagere rating, dan kost het je veel ratingpunten.
Eelke heeft dit toernooi steeds tegenstanders gehad met een rating van in de 1600 en 1700. Van een 1700 speler heeft-ie nog niet gewonnen. Dat moet-ie dan morgen maar even doen (dus maandag) tegen de IJslandse jongen. Die heeft een rating van 1782. Een erg goede schaker dus. Maar niet zo goed dat-ie wel eventjes van Eelke kan winnen. En remise is ook een uitslag.
Als je het zelf zo snel mogelijk wilt weten, dan is het te volgen via de websites die ik eerder genoemd hebt. Of als je HIER OP KLIKT krijg je de steeds de laatste resultaten te zien. Je moet dan vooral goed kijken of je de juiste ronde te pakken hebt. Maandag is het ronde 8. Dinsdag is de laatste ronde.
Maar je kunt natuurlijk ook wachten tot dinsdagmorgen. Dan lees je gewoon op dit blog hoe het afgelopen is!